Rendieren moeten in Zweden wijken voor energietransitie: ‘Groen kolonialisme’

In Zweden staan rendieren onder druk door plannen van de regering om ruimte te maken voor de energietransitie. De overheid wil ingrijpen in de rendierhouderij, zodat industrie en energieprojecten kunnen uitbreiden. Critici spreken van ‘groen kolonialisme’, omdat het traditionele leefgebied van de Sámi wordt aangetast.
Energieminister Ebba Busch wil de rendierkuddes verkleinen. Volgens haar belemmert de sector economische groei en industriële ontwikkeling. Zij schrijft: ‘Het is een industrie die zeer grote gebieden beïnvloedt, maar van beperkte economische betekenis is’, meldt De Telegraaf.
Ook minister Peter Kullgren pleit voor een andere afweging. ‘Rendierhouderij moet belangrijk blijven, maar mag niet langer zwaarder wegen dan werkgelegenheid, energie, mijnbouw en infrastructuur.’ Daarmee verschuift de focus richting industrie en energie.
Botsing met traditie en rechten
De plannen raken direct de Sámi, een inheemse bevolkingsgroep in het noorden. Zij leven al eeuwen van de rendierhouderij. In het verleden stapten Sámi-gemeenschappen regelmatig naar de rechter om hun land te beschermen.
De gebieden waar rendieren rondtrekken zijn rijk aan grondstoffen. Deze zijn belangrijk voor de energietransitie in Europa. Daardoor neemt de druk op het landgebruik toe door mijnbouw, windparken en industrie.
Volgens Amnesty International heeft deze ontwikkeling grote gevolgen. De organisatie spreekt van ‘groen kolonialisme’. Ook binnen de Sámi zelf klinkt kritiek. Sámi-politicus Marianne Gröik zegt: ‘Het is een voortdurend geval van landjepik. Dit is onze grootste bedreiging en het beïnvloedt de cultuur, het land, de mensen en de gezondheid van de Sámi.’
Internationale kritiek en politieke spanning
Het recht op rendierhouderij is vastgelegd in Zweedse wetgeving. Alleen Sámi binnen erkende gemeenschappen mogen rendieren houden. In totaal gaat het om tienduizenden dieren verdeeld over tientallen dorpen.
Internationaal krijgt Zweden al langer kritiek. Organisaties zoals de Verenigde Naties en de Raad van Europa wijzen op de beperkte inspraak van de Sámi. Tegelijk heeft Zweden verdragen ondertekend die hun cultuur beschermen.
De regering benadrukt dat de rechten van de Sámi niet ter discussie staan. Busch zegt: ‘Het gaat niet om het ter discussie stellen van de rechten van de Sámi, maar om de noodzaak voor de staat om meer verantwoordelijkheid te nemen voor het grotere geheel.’
Binnen de Sámi-gemeenschap overheerst vooral onbegrip. Critici stellen dat de plannen botsen met bestaande wetten en internationale afspraken. Daarmee wordt de discussie over energie, economie en traditie verder op scherp gezet.






















































