Groningse boerenfamilie weigert BBB-bezoek na stem over onteigening: 'We willen onze 31 hectare grond'

In het Groningse Lucaswolde is een langslepend conflict tussen een boerenfamilie en de overheid verder op scherp gezet. De familie Van der Veen wil geen bezoek meer ontvangen van BBB-leider Caroline van der Plas. De aanleiding ligt in het recente stemgedrag van de partij in Provinciale Staten, waar een meerderheid instemde met de mogelijkheid tot onteigening van landbouwgrond. Dit meldt Veldpost in een uitgebreid interviewartikel.
Voor de familie voelt dat als een breuk. Niet alleen met de provincie, maar ook met een partij die zich juist profileert als verdediger van boerenbelangen. De inzet is helder: 31 hectare grond die cruciaal is voor het voortbestaan van hun bedrijf, meldt Veldpost. “Wij willen geen aai over de bol, maar wij willen gewoon onze 31 hectare grond behouden.”
Project van de provincie botst met boerenbelang
De achtergrond van het conflict gaat terug tot 2014. In het gebied Dwarsdiep werkt de provincie Groningen aan een grootschalig project. Het doel is een combinatie van waterberging, herstel van het watersysteem en natuurontwikkeling binnen het Natuurnetwerk Nederland.
In de loop der jaren is het grootste deel van de benodigde grond al opgekocht. Volgens de provincie is inmiddels 93 procent verworven. Alleen de grond van de familie Van der Veen ontbreekt nog.
Juist die laatste hectares zijn bepalend. Zonder deze grond loopt het project vertraging op. Daarom heeft het provinciebestuur toestemming gevraagd om, als uiterste middel, een onteigeningsprocedure te starten. Een meerderheid van de Staten ging daarmee akkoord.
Voor BBB ligt dat gevoelig. De partij verzette zich eerder juist fel tegen gedwongen onteigening van boeren. Toch stemden zes van de tien BBB-Statenleden vóór. Vier stemden tegen, twee onthielden zich van stemming. Voor de familie in Lucaswolde was dat het moment waarop het vertrouwen verdween.
Van uitnodiging naar afwijzing
Kort na het besluit ontstond nieuwe onrust. BBB-leider Caroline van der Plas zou samen met voormalig landbouwminister Femke Wiersma op bezoek willen komen bij de familie. Maar de manier waarop dat bekend werd, zorgde voor irritatie. Volgens dochter Dina van der Veen hoorde de familie via een televisie-uitzending van WNL dat het bezoek gepland stond. Op dat moment was er nog geen contact geweest.
Pas later die dag volgde een telefoontje van Van der Plas. Voor de familie kwam dat te laat. Het voelde niet als een serieus gesprek, maar als schadebeperking. “Zij wil alleen maar hier komen met Femke Wiersma om hun eigen paadje schoon te vegen. Dit is allemaal voor de bühne. En daar gaan wij niet aan meewerken.” Daarom besloot de familie het bezoek af te wijzen. Zolang er geen concrete oplossing ligt, is BBB niet welkom op het erf.
Bedrijf en toekomst staan op het spel
De inzet voor de familie is groot. Het gaat om een melkveebedrijf met ongeveer honderd koeien en daarnaast schapen. De bedrijfsvoering is extensief, met weidegang in het voorjaar en de zomer. De 31 hectare grond vormt de kern van het bedrijf. Zonder deze grond is voortzetting nauwelijks mogelijk.
Daar komt bij dat de familie al zeven generaties op deze plek boert. De discussie raakt dus niet alleen de bedrijfsvoering, maar ook familiegeschiedenis en identiteit.
Jarenlange onderhandelingen zonder resultaat
Volgens de familie is er in de afgelopen jaren herhaaldelijk gezocht naar een oplossing. Zij stellen dat zij altijd bereid zijn geweest om mee te denken. “Wij zijn altijd bereid tot een oplossing en wij willen ook nog steeds een oplossing.” Toch liep het proces vast. De voorstellen die vanuit de provincie en uitvoeringsorganisatie Prolander kwamen, zouden niet werkbaar zijn geweest.
“Er werden ons bedrijven aangeboden. Het bleek achteraf dat er geen vergunningen op zaten. De provincie was ook de hele tijd moeilijk bereikbaar. Het hele proces was een weg van pesterijen.” De familie heeft het gevoel dat er vooral op papier oplossingen werden gepresenteerd, zonder realistisch toekomstperspectief. “Dat is gewoon allemaal een afvinklijst geweest met niet-realistische aanbiedingen.”
Om dat gevoel te illustreren, gebruikt Van der Veen een vergelijking: “Moet je je eens voorstellen dat jij in een vrijstaand huis woont en jou bij wijze van spreken wordt gezegd van: ga maar op de Noordpool of in een flatje wonen. Natuurlijk wil je dat niet.” Volgens de familie ontstaat daardoor onterecht het beeld dat zij niet willen meewerken, terwijl zij juist zoeken naar een haalbare oplossing.





















































