Nederland praat zichzelf de afgrond in

“In Nederland praten we met elkaar, ook als we het niet met elkaar eens zijn”. Was getekend: Jan Paternotte, lid van de Tweede Kamer namens D66 die bij de laatste verkiezingen ongeveer alle rechtse partijen uitsloot, want: “dáár praat je natuurlijk niet mee”.
We leven in een tijd waarin vrijwel alles onderwerp van debat is geworden. Politiek, identiteit, migratie, klimaat, oorlogen, onderwijs, media — overal wordt gesproken, gereageerd en gediscussieerd. Toch lijkt al dat debat opvallend weinig op te lossen. Integendeel: veel gesprekken verharden sneller dan vroeger. Standpunten worden harder, wantrouwen neemt toe en mensen trekken zich steeds vaker terug in hun eigen gelijk. Opvallend genoeg ligt dat niet alleen aan de inhoud van de meningsverschillen. Een storende factor is ook dat in de discussies, vooral in de politiek, het doel uit het zicht lijkt verdwenen. Het debatteren op zichzelf en het persoonlijke profijt zijn belangrijker geworden dan de functie die de democratie als geheel heeft voor bevolking en natie.




















































