Digitale meter verplicht: weigeraars met zonnepanelen riskeren hoge boete

Huishoudens met zonnepanelen kunnen een boete tot 1650 euro krijgen als zij blijven weigeren hun oude energiemeter te laten vervangen. Sinds 1 januari 2026 is de nieuwe Energiewet van kracht. Daarin staat dat verouderde analoge meters en digitale éénrichtingsmeters moeten worden vervangen door moderne digitale meters, meldt RTL Nieuws.
Vooral bezitters van zonnepanelen liggen onder een vergrootglas. Sommige huishoudens willen hun oude Ferrarismeter houden, omdat die terugdraait wanneer zij zonnestroom aan het net leveren. Daardoor kunnen zij in de praktijk blijven profiteren van salderen, ook als de salderingsregeling per 1 januari 2027 stopt.
Oude meter draait terug
In Nederland hangen nog ongeveer 500.000 oude analoge meters of digitale éénrichtingsmeters. De klassieke Ferrarismeter heeft een draaischijf. Als zonnepanelen meer stroom opwekken dan een huishouden verbruikt, kan die schijf terugdraaien.
Precies dat maakt de meter aantrekkelijk voor sommige zonnepaneelbezitters. Nu mogen huishoudens opgewekte stroom nog wegstrepen tegen stroom die zij later afnemen. Dat is de salderingsregeling. Maar die regeling stopt in 2027.
Met een oude terugdraaiende meter is het lastiger om afname en teruglevering apart te registreren. Netbeheerders willen daarom dat deze meters verdwijnen.
Eerst 550 euro, daarna meer
Wie zonnepanelen heeft en weigert mee te werken aan de meterwissel, kan een last onder dwangsom krijgen. De eerste dwangsom bedraagt 550 euro. Daarna wordt iedere drie weken gecontroleerd of de meter alsnog is vervangen.
Blijft iemand weigeren, dan kan het bedrag oplopen tot maximaal 1650 euro.
Voor huishoudens zonder zonnepanelen ligt de boete lager. Zij beginnen met 100 euro. Ook daar kan het bedrag iedere drie weken oplopen, tot maximaal 300 euro.
Belangrijk is dat betalen de verplichting niet opheft. Ook na betaling moet de oude meter alsnog worden vervangen. Wie structureel blijft weigeren, kan opnieuw een last onder dwangsom krijgen van de Rijksinspectie Digitale Infrastructuur.
Netbeheerders willen beter zicht op stroomnet
De nieuwe regels draaien niet alleen om salderen. Netbeheerders willen beter kunnen meten hoeveel stroom huishoudens gebruiken en hoeveel zij terugleveren. Dat is volgens hen nodig omdat het stroomnet op veel plekken overvol is.
Een moderne digitale meter kan afname en teruglevering apart registreren. Daardoor krijgen netbeheerders beter zicht op pieken, teruglevering en belasting van het net.
Ook oudere digitale meters moeten de komende jaren worden vervangen. Het gaat om meters die nog via het 2G-netwerk communiceren. Netbeheerders stoppen vanaf 2029 met dat oude gsm-netwerk. In totaal gaat het om ongeveer 2,2 miljoen meters.
Nieuwe nettarieven vanaf 2029
De digitale meter is ook nodig voor plannen die verder gaan dan alleen registratie. Netbeheer Nederland wil vanaf 2029 tijdsafhankelijke nettarieven invoeren. Dat voorstel ligt bij toezichthouder ACM.
Daarbij betalen huishoudens verschillende tarieven afhankelijk van het moment waarop zij stroom gebruiken. Wie veel elektriciteit gebruikt tijdens piekuren, bijvoorbeeld tussen 16.00 en 21.00 uur, zou meer gaan betalen dan iemand die stroom verbruikt op rustigere momenten. Zonder digitale meter is zo’n systeem niet goed uitvoerbaar.
Eerst gratis, later zelf betalen
Huishoudens met een oude meter krijgen een brief van hun regionale netbeheerder. Dat kan Enexis, Liander, Stedin, Coteq, Rendo of Westland Infra zijn. In eerste instantie is de meterwissel gratis.
Wie geen afspraak maakt, krijgt na enkele weken een herinnering. Na zes weken vervalt het gratis aanbod. Daarna moet de bewoner zelf betalen voor de vervanging. De kosten verschillen per netbeheerder en liggen tussen 64 en 82 euro.
Wie ook daarna niet reageert, krijgt uiteindelijk te maken met de Rijksinspectie Digitale Infrastructuur. Die stuurt herinneringen en kan bij herhaalde weigering een dwangsom opleggen.























































