Linkse ngo dreigt met doodsteek voor Nederlandse rederijen via massaclaim

Een massaclaim namens duizenden Aziatische zeevarenden dreigt Nederlandse rederijen met een miljardenrekening op te zadelen. Stichting Equal Justice Equal Pay wil loonverschillen tot tien jaar terug laten betalen en stelt ook de Nederlandse staat aansprakelijk. De inzet gaat daarmee veel verder dan hogere salarissen vanaf nu. De claim kan volgens de scheepvaartsector bovendien een forse uittocht van schepen onder Nederlandse vlag veroorzaken.
Aanleiding is het zogenoemde woonlandbeginsel. Filipijnse en Indonesische zeevarenden op Nederlandse schepen kunnen daardoor aanzienlijk minder verdienen dan collega's die in Nederland wonen. De beloning wordt afgestemd op het prijspeil van het woonland. Volgens Nieuwsuur verdient een Filipijnse zeevarende voor hetzelfde werk ongeveer 3,25 euro per uur, tegenover circa 15 euro voor een Nederlandse collega.
Dat systeem is niet uniek voor Nederland. Ook onder meer Duitsland, België, Denemarken, Finland, Noorwegen en het Verenigd Koninkrijk werken met vergelijkbare constructies. De cao's moeten daarnaast voldoen aan de internationaal afgesproken minimumbeloning voor zeevarenden.
Claim met terugwerkende kracht
Equal Justice Equal Pay wil daar een einde aan maken. De stichting bereidt volgens Nieuwsuur namens 23.000 zeevarenden een massaclaim voor. Advocaat Frank Peters wil bovendien teruggaan tot 2016.
„We gaan het loon terugvorderen vanaf 2016, dus dat is per vandaag tien jaar. Elk jaar dat de procedure langer duurt, komt er schade erbij”, zegt Peters bij Nieuwsuur. Hij spreekt over een mogelijke schadepost van miljarden euro's.
De claim is geen nieuw dreigement. De regering meldde in februari al aan de Tweede Kamer dat de stichting de Nederlandse staat formeel aansprakelijk heeft gesteld. Ook een groot deel van de Nederlandse reders kreeg een sommatie. De stichting verlangt dat de beloning vanaf eind 2016 wordt aangevuld tot het niveau van Nederlandse zeevarenden.
De organisatie probeert daarnaast via juridische procedures informatie bij rederijen boven tafel te krijgen. Zo begon zij dit jaar een procedure tegen Wagenborg om onder meer cao's, bemanningslijsten en informatie over de bedrijfsstructuur te verkrijgen.
Mensenrechtencollege gaf stichting munitie
De juridische strijd kreeg vorig jaar een belangrijke impuls. Het College voor de Rechten van de Mens oordeelde in twee individuele zaken dat Nederlandse werkgevers verboden onderscheid op grond van nationaliteit hadden gemaakt bij de beloning van een Filipijnse en Indonesische zeevarende. Die oordelen zijn niet bindend, maar vormen wel belangrijke munitie voor de stichting.
Reders bestrijden dat het systeem simpelweg neerkomt op werknemers minder betalen vanwege hun afkomst. Volgens brancheorganisatie KVNR draait het om koopkracht en de plek waar iemand woont.
„We belonen op basis van koopkracht. Dat is volgens de internationale zeescheepvaart ook het eerlijkst”, zegt directeur Annet Koster bij Nieuwsuur. Zij wijst erop dat wonen, boodschappen en diensten op de Filipijnen veel goedkoper zijn dan in Nederland.
Ook het kabinet verdedigde dit voorjaar het woonlandbeginsel. Minister Vincent Karremans noemde het een passend beloningsmechanisme voor de sterk internationale zeevaart.
Vrees voor uittocht Nederlandse vloot
De grootste zorg zit in de concurrentiepositie. Als uitsluitend schepen onder Nederlandse vlag fors hogere personeelskosten krijgen, kunnen reders relatief eenvoudig voor een andere vlag kiezen. Juist in de mondiale scheepvaart is dat een reële mogelijkheid.
Onderzoek van HCSS en Deloitte, uitgevoerd in opdracht van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat, kwam begin dit jaar met een stevige waarschuwing. De onderzoekers ramen dat 50 tot 70 procent van de Nederlands gevlagde vloot kan omvlaggen als het woonlandbeginsel verdwijnt. Dat kan niet alleen banen kosten, maar volgens hen ook gevolgen hebben voor het Nederlandse maritieme cluster en de strategische autonomie.
Ook vakbond Nautilus International FNV verdedigt daarom voorlopig de bestaande afspraken. De vakbond wil gelijke beloning internationaal regelen en vreest dat Nederland zichzelf uit de markt prijst wanneer het alleen handelt.
Onderzoeken botsen
Over de omvang van dat gevaar bestaat ondertussen stevige discussie. Equal Justice Equal Pay liet SEO Economisch Onderzoek opnieuw naar de cijfers kijken. Die second opinion verscheen deze maand en is betaald door de stichting zelf.
SEO noemt de geraamde uittocht van 50 tot 70 procent een overschatting. Volgens het instituut zouden de economische gevolgen veel kleiner kunnen zijn en zijn negatieve effecten op bijvoorbeeld veiligheid en strategische autonomie onvoldoende aangetoond.
Daarmee staan twee onderzoeken tegenover elkaar die vanuit verschillende opdrachten tot sterk uiteenlopende conclusies komen. Het HCSS/Deloitte-onderzoek werd uitgevoerd in opdracht van het ministerie; de kritische second opinion van SEO in opdracht van de claimstichting.
Miljardenclaim tegenover internationaal speelveld
Daarmee draait het conflict inmiddels om veel meer dan het salaris van individuele matrozen. De stichting wil een internationaal gebruikt beloningssysteem via Nederlandse procedures laten aanpakken én schade over ongeveer tien jaar verhalen. De reders waarschuwen dat juist Nederlandse bedrijven daardoor een concurrentienadeel krijgen.
Koster schetst het mogelijke eindpunt scherp. Als de claim slaagt, is het volgens haar „afwachten totdat reders failliet gaan of eieren voor hun geld kiezen en onder een andere vlag gaan varen”.
Peters houdt juist de Nederlandse overheid medeverantwoordelijk. „We houden ook de Nederlandse staat aansprakelijk, want die maakt dit systeem mogelijk en faciliteert zo structurele discriminatie. Dat is gewoon onacceptabel.”




















































