Griekse rechter bepaalt: ngo’s hoeven financiers niet meer openbaar te maken

De Griekse Raad van State heeft belangrijke onderdelen van het omstreden ngo-register voor organisaties in de migratiesector onderuitgehaald. Ngo’s mogen niet langer algemeen worden verplicht om gegevens over hun financiers en donateurs openbaar op hun website te zetten. Ook mag het ministerie organisaties niet naar eigen inzicht uit het register weren. De hoogste bestuursrechter vindt die regels in strijd met de Griekse grondwet en de vrijheid van vereniging.
Het register zelf blijft wel overeind. Griekenland mag organisaties die in opvanglocaties werken of staats- en EU-geld ontvangen in beginsel verplichten zich te registreren. De rechter zette vooral een streep door een aantal voorwaarden die aan die registratie waren gekoppeld.
Financiers hoeven niet meer openbaar
De zaak draait om het register van het Griekse ministerie van Migratie en Asiel. De regels werden dit voorjaar opnieuw vastgelegd in ministerieel besluit 82876/2026. Daarin stond onder meer dat geregistreerde organisaties informatie over hun financiers en donateurs openbaar moesten maken.
De Raad van State oordeelde vorige maand dat zo’n algemene publicatieplicht te ver gaat. Ook de ruimte voor het ministerie om een registratie af te wijzen op basis van een bredere beoordeling van de activiteiten van een organisatie werd ongrondwettig verklaard. Daarnaast sneuvelde in beginsel een regel waardoor een geschrapte ngo twee jaar niet opnieuw kon worden ingeschreven.
Ook het aparte register voor individuele medewerkers, leden en partners kreeg een tik. Volgens de rechter bood de wet onvoldoende basis om de voorwaarden voor hun registratie via een ministerieel besluit te regelen.
Andere regels naar Europese rechter
Niet over alles hakte de Griekse rechter zelf de knoop door. Een aantal vragen wordt voorgelegd aan het Hof van Justitie van de Europese Unie in Luxemburg.
Het gaat onder meer om regels waardoor een organisatie kan worden geweigerd wanneer een bestuurder of wettelijke vertegenwoordiger wordt vervolgd voor een misdrijf, dus nog voordat er een veroordeling ligt. Ook een definitieve veroordeling wegens laster kan registratie blokkeren. De Griekse rechter wil van het EU-Hof weten of zulke bepalingen verenigbaar zijn met de vrijheid van vereniging. Daarnaast ligt er een vraag over het verwerken van strafrechtelijke persoonsgegevens onder de Europese privacywetgeving.
Vluchtelingenorganisaties vieren uitspraak
De uitspraak volgt op jarenlange procedures van organisaties die actief zijn rond asiel en migratie. Refugee Support Aegean (RSA) noemt het oordeel een „belangrijke overwinning en erkenning” voor organisaties die zich sinds 2020 tegen het register verzetten. HIAS Greece spreekt eveneens van een „grote overwinning voor het maatschappelijk middenveld”. Beide organisaties zijn aangesloten bij de European Council on Refugees and Exiles (ECRE), de Europese koepel van vluchtelingen- en asielorganisaties.
HIAS Greece stelt dat het oude stelsel volgens de organisatie geen gewoon transparantie-instrument was, maar een systeem dat de overheid te veel ruimte gaf om te bepalen welke organisaties in de migratiesector mochten werken. Dat is de beoordeling van de ngo zelf; de volledige uitspraken en motivering van de Raad van State waren bij de bekendmaking nog niet gepubliceerd.
Brussel drong al aan op soepelere registratie
Ook vanuit Europese instellingen stond het Griekse systeem al langer onder druk. De Europese Commissie adviseerde Athene in haar rapporten over de rechtsstaat om de registratie-eisen voor maatschappelijke organisaties te vereenvoudigen. Griekenland beperkte daarop dit jaar de registratieplicht en schrapte verschillende documenten die ngo’s moesten aanleveren. De Europese Commissie stelde deze zomer echter vast dat ook na die aanpassingen een ruime beoordelingsvrijheid voor de overheid was blijven bestaan.
In februari stelden Europarlementariërs van meerdere fracties, onder wie GroenLinks-PvdA'er Tineke Strik, bovendien schriftelijke vragen over de Griekse regels. Zij stelden dat nieuwe bepalingen maatschappelijke organisaties juist verder onder druk zetten en vroegen de Commissie om op te treden.
De kwestie raakt daarmee aan een breder Europees debat over transparantie van ngo-financiering. De Europese Commissie procedeert bijvoorbeeld tegen Hongarije over diens wet ter bescherming van de nationale soevereiniteit, waarmee een speciaal bureau organisaties en personen kan onderzoeken die met buitenlandse steun invloed zouden uitoefenen. De advocaat-generaal van het EU-Hof concludeerde in februari dat die Hongaarse wet op meerdere punten in strijd is met het EU-recht; een definitieve uitspraak is nog niet gedaan.
In Griekenland is de eerste juridische grens nu wel getrokken: registratie mag, maar een algemene verplichting voor migratie-ngo’s om hun financiers publiekelijk bekend te maken, gaat volgens de hoogste bestuursrechter te ver.


















































