EU-Parlement wil vervolgstappen tegen Hongarije in nieuw rapport

Het Europees Parlement heeft dinsdag opnieuw een kritisch rapport aangenomen over Hongarije. Volgens de meerderheid van de Europarlementariërs is er sprake van een “aanhoudende achteruitgang van de rechtsstaat en EU-waarden”. Hongarije wijst die kwalificatie resoluut af en spreekt van een politieke aanval omdat het land weigert mee te bewegen met de Brusselse koers op migratie, kinderen en sociale thema’s.
De resolutie werd aangenomen met 415 stemmen voor, 193 tegen en 28 onthoudingen. Het is het tweede tussentijdse verslag dat voortkomt uit de lopende Artikel 7-procedure tegen Hongarije. Deze procedure, die al sinds 2018 loopt, kan in theorie leiden tot opschorting van Hongarije’s stemrecht in de EU-raad.
Het rapport is gebaseerd op een eerder stuk van de Commissie Burgerlijke Vrijheden (LIBE), opgesteld door de Nederlandse GroenLinks-Europarlementariër Tineke Strik. Zij noemt Hongarije een “hybride regime van electorale autocratie” en roept de Europese Raad op om eindelijk door te pakken. “De EU kan niet toestaan dat Hongarije’s autocratisering doorgaat,” zei Strik. “Elke verdere vertraging zou in strijd zijn met de waarden die de EU zegt te beschermen.”
Boedapest: ‘Dit is al 15 jaar dezelfde politieke heksenjacht’
De Hongaarse regering reageert fel. Europarlementariër Kinga Gál noemt de aantijgingen voorspelbaar en politiek gemotiveerd. “Al 15 jaar krijgt Hongarije dezelfde heksenjacht – nieuwe rapporten, dezelfde absurde beschuldigingen,” zegt zij. Volgens haar gaat het niet om rechtsstaat, maar om druk om nationale keuzes in te ruilen voor de Brusselse agenda. “Ngo’s uit Brussel vallen ons aan omdat we onze soevereiniteit verdedigen, onze grenzen beschermen tegen illegale migranten, onze kinderen beschermen en pleiten voor vrede.”
Ook Europarlementariër András László waarschuwt voor inmenging van buitenaf. “De EVP en hun linkse bondgenoten willen onbeperkte buitenlandse bemoeienis in Hongarije!” schrijft hij op X.
De Hongaarse regering verwijst naar cijfers van woordvoerder Zoltán Kovács, die eerder dit jaar stelde dat de EU in tien jaar tijd ruim 60 miljoen euro heeft uitgegeven aan “politiek actieve ngo’s” in Hongarije. Volgens hem is dit slechts het bedrag dat kon worden bevestigd in de EU-databanken, die hij “vol gaten en inconsistenties” noemt.
Twistpunten: migratie, kinderen, Ngo’s en Pride-verbod
Het rapport herhaalt de bekende kritiekpunten. Brussel verwijt Hongarije onder meer: druk op kritische ngo’s en media, wetten rond kinderbescherming die volgens tegenstanders lhbti-uitingen beperken, het verbieden van Pride-optochten en zorgen over rechterlijke onafhankelijkheid.
Boedapest zegt dat het juist gaat om begrijpelijke nationale keuzes, gebaseerd op democratische meerderheden. Hongarije noemt het Pride-verbod een maatregel “om kinderen te beschermen tegen schadelijke ideologieën”. Volgens de regering bepalen lidstaten zelf welke normen zij hanteren bij opvoeding en cultuur.
Steun vanuit conservatieve hoek
Conservatieve Europarlementariërs zien de aanval op Hongarije als waarschuwing voor andere landen die meer zeggenschap willen houden. De Spaanse Europarlementariër Jorge Buxadé (VOX) verwoordt het zo: “Hongarije is het waard om te verdedigen. Want Hongarije verdedigen is onszelf verdedigen – de identiteit, soevereiniteit en vrijheid van onze naties.”
De tweespalt in het Europees Parlement groeit daardoor verder. Waar linkse en liberale fracties Hongarije als risico zien voor EU-waarden, beschouwen conservatieve fracties de strijd als een machtskwestie tussen Brussel en nationale democratieën.
Hoewel het Parlement opnieuw aandringt op serieuze maatregelen, is de kans op echte sancties klein. Voor het vervolgen van de Artikel 7-procedure is steun vereist van vier vijfde van de EU-landen. Om Hongarije zijn stemrecht te ontnemen is zelfs unanimiteit nodig – een vrijwel onmogelijke horde zolang landen als Slowakije en in mindere mate Italië en Oostenrijk steun betuigen aan Boedapest.






















































