Amsterdamse wethouder: ‘We vergeten witte Nederlanders die het moeilijk hebben’

In het debat over kansenongelijkheid gaat het vaak over afkomst en huidskleur. Maar volgens de Amsterdamse wethouder Sofyan Mbarki dreigt daardoor een groep uit beeld te raken: blanke Nederlanders die het economisch en sociaal zwaar hebben. In een podcast pleit Mbarki voor meer nuance. Niet iedereen met een blanke huidskleur heeft automatisch betere kansen, zegt hij, en niet alle ongelijkheid laat zich verklaren langs etnische lijnen. Ook vindt Mbarki dat mensen wat trotser mogen zijn op Nederland.
In gesprekken over discriminatie en armoede ziet Mbarki steeds vaker dat blanke Nederlanders buiten beeld raken. Dat vindt hij problematisch, vertelt de PvdA'er in de podcast Missie Mentale Kracht van Dai Carter. “Ik zie vandaag de dag ook dat wanneer wij het hebben over discriminatie, wanneer wij het hebben over mensen die moeilijker een baan kunnen vinden, wanneer wij het hebben over mensen die moeilijker rond kunnen komen, dat we daar te vaak de mensen met een witte huidskleur misschien een beetje uit het oog verliezen.”
Mbarki benadrukt dat zijn visie voortkomt uit zijn eigen achtergrond. Hij groeide op in een gemengde wijk en kent veel blanke gezinnen die het nooit breed hebben gehad. Volgens hem is zijn eigen maatschappelijke positie inmiddels verder ontwikkeld dan die van sommige van zijn voormalige blanke buren. “Maar ik ken ze, ik ben ermee opgegroeid. En ik zie ook dat de stap die ik gemaakt heb met mijn leven, misschien nu wel drie, vier stappen verder is dan wat zij nog steeds aan het doen zijn.”
Die constatering dwingt Mbarki tot nuance. Volgens hem wordt te snel aangenomen dat bepaalde groepen vanzelfsprekend voordeel hebben, terwijl de werkelijkheid vaak complexer is. Niet iedereen met een blanke huidskleur profiteert automatisch van betere kansen. Als voorbeeld noemt Mbarki een Nederlandse jongen, Tim, die opgroeit zonder vader en met een chronisch zieke moeder. Iemand als Tim heeft echt niet zoveel kansen in het leven, benadrukt de PvdA'er. “Maar als Tim ergens gaat solliciteren, hebben we de aanname dat er een heel netwerk achter zit van allemaal artsen en advocaten. En dat Tim wordt geholpen. Maar nee, hij heeft helemaal niemand.”
“Ik zeg: laten we kappen met alleen maar kijken naar kleur,” stelt de wethouder. “Want ik en mijn kinderen hebben het op dit moment veel beter dan mijn witte buurvrouw van destijds die nog steeds keihard aan het werk is, terwijl ze volgens mij al de pensioengerechtigde leeftijd heeft bereikt. We doen onszelf tekort als we te veel blijven focussen op etniciteit en kleur. Dus heb ik het moeilijk gehad? Ja, maar net zoals iedere andere jongen in Amsterdam die opgroeit en die ouders heeft die het niet breed hebben.”
'Trots op Nederland'
Volgens Mbarki hebben sommige mensen een te negatief beeld hebben van Nederland. Hoewel hij na de aanslagen van 9/11 te maken kreeg met discriminatie, kent hij Nederland verder juist als een tolerant land waar mensen elkaar helpen en goed samenleven. Zo vertelt Mbarki het verhaal van zijn Marokkaanse vader die na zijn aankomst in Nederland werd geholpen aan meerdere banen baan dankzij Nederlanders. Nu vindt Mbarki dat hij ook het omgekeerde moet doen. “Ik voel mij misschien nu de volgende [...] om te zeggen: jouw ouders wonen hier al acht eeuwen, maar je hebt het moeilijk en ik ben hier om jou te helpen.”
Tot slot vindt Mbarki dat mensen wat trotser mogen zijn op Nederland. Hij zegt: “We zijn een stoer land, hè? Vergis je niet. Achttien miljoen inwoners en best wel veel getalenteerde voetbalspelers. De uitvindingen die we hebben gedaan op watermanagement. Ik bedoel: een beetje chauvinisme is echt niet erg.”






















































