Nederland delft onderspit in nieuwe EU-begroting: Brussel wil megapot amper verkleinen

Nederland dreigt opnieuw de rekening te betalen in Brussel. Een nieuw compromisvoorstel voor de EU-begroting van 2028 tot 2034 haalt slechts 37 miljard euro af van een totaalplan van 2000 miljard euro. Voor Den Haag is dat veel te weinig. Minister Eelco Heinen van Financiën noemt het voorstel “onacceptabel, onbetaalbaar en niet in balans”, vertelt hij in gesprek met De Telegraaf.
Volgende week spreken de Europese regeringsleiders in Brussel over de nieuwe meerjarenbegroting. Die moet bepalen hoeveel geld de Europese Unie tussen 2028 en 2034 kan uitgeven. Het oorspronkelijke plan komt uit op ongeveer 2000 miljard euro. Dat is bijna een verdubbeling van de huidige begroting.
Voor landen als Nederland, Zweden en Duitsland is dat moeilijk te slikken. Zij betalen meer aan de EU dan zij terugkrijgen. Juist deze nettobetalers willen dat Brussel scherper kiest en minder geld uitgeeft aan oude subsidiepotten voor landbouw en arme regio’s.
Zuid- en Oost-Europa houden geldkraan open
Maar de landen die veel EU-geld ontvangen, geven zich niet zomaar gewonnen. Zuid- en Oost-Europese lidstaten lobbyen onder de naam “vrienden van cohesie” voor behoud van de grote geldstromen. Zij willen de potten voor regionale steun en landbouw zoveel mogelijk overeind houden.
Ook het Europees Parlement wil juist méér geld. Daar klinkt de roep om een EU-begroting van 2200 miljard euro. Daarmee staan de zuinige lidstaten tegenover een brede coalitie van landen en instellingen die de Europese uitgaven verder willen opvoeren.
EU-voorzitter Cyprus kwam daarom met een compromis. Van de geplande 2000 miljard euro kan volgens dat voorstel 37 miljard af. Maar volgens Nederland zit het probleem precies in de manier waarop dat gebeurt.
Snijden in de verkeerde posten
De bezuiniging komt niet uit de grote subsidiepotten waar Nederland juist naar kijkt. Het geld wordt volgens het voorstel gevonden bij uitgaven voor onder meer defensie, innovatie en migratie. Dat zijn juist onderwerpen die Den Haag belangrijk vindt.
Daarmee delft Nederland voorlopig het onderspit. De klassieke EU-uitgaven aan landbouw en cohesie blijven grotendeels overeind, terwijl modernere prioriteiten worden geraakt. Voor Nederland voelt dat als de verkeerde keuze op het verkeerde moment.
Heinen haalt hard uit naar het compromis. “Het enige positieve aan dit voorstel is dat het laat zien hoe het niet moet”, zegt hij.
Volgens de minister investeert het plan in het verleden. “Dit voorstel investeert in de prioriteiten van gisteren ten koste van de uitdagingen van morgen.”
‘Onacceptabel en onbetaalbaar’
Heinen vindt dat het voorstel de Nederlandse zorgen nauwelijks serieus neemt. Een korting van 37 miljard op een begroting van 2000 miljard is volgens Den Haag niet genoeg om de explosieve groei van de EU-uitgaven te stoppen.
“Dit voorstel is onacceptabel. Het is onbetaalbaar, niet in balans en kiest de verkeerde prioriteiten”, zegt de minister. “De totale omvang blijft veel te groot in een tijd waarin de budgettaire ruimte overal in Europa beperkt is en scherpe keuzes onvermijdelijk zijn.”
Voor Nederlandse belastingbetalers kan de uitkomst grote gevolgen hebben. Als de begroting bijna verdubbelt, stijgt ook de Nederlandse bijdrage met miljarden per jaar. Dat kan het kabinet dwingen tot bezuinigingen of hogere lasten.
Brussel noemt het compromis
De Cypriotische staatssecretaris Marilena Raouna verdedigt het voorstel juist als een poging om verschillende belangen bij elkaar te brengen. Volgens haar gaat het om “een compromis dat alle geluiden van lidstaten vertolkt en in het bijzonder van landen die besparingen willen”.
In Den Haag wordt dat anders gezien. Daar klinkt vooral frustratie dat de besparing op papier wel bestaat, maar inhoudelijk weinig oplost. Nederland wil minder geld naar oude EU-structuren. Het compromis spaart die juist grotendeels.
Veto blijft op tafel
De onderhandelingen zijn nog lang niet voorbij. Brussel wil voor het einde van het jaar een akkoord over de nieuwe begroting. Of dat lukt, is onzeker. De belangen liggen ver uit elkaar.
Nederland kan uiteindelijk een veto inzetten. Daarmee zou Den Haag de begroting kunnen blokkeren. De vraag is of het kabinet bereid is dat middel te gebruiken als de rekening verder oploopt.
Voorlopig laat het compromis vooral zien hoe lastig het is voor Nederland om in Brussel werkelijk te snijden. De grote woorden over hervorming botsen op een harde werkelijkheid: wie geld ontvangt, wil het houden. En wie betaalt, moet vechten om niet nóg meer te betalen.





















































