Kiezers rekenen na 100 dagen hard af met kabinet-Jetten: ‘Het is een bende’

Het kabinet-Jetten zit pas honderd dagen in het zadel, maar het vertrouwen is nu al hard weggezakt. Uit onderzoek van het RTL Nieuwspanel blijkt dat nog maar 22 procent van de kiezers vertrouwen heeft in het minderheidskabinet. Bij de start lag dat nog op ongeveer een derde.
De cijfers zijn pijnlijk voor premier Rob Jetten. Zijn kabinet begon al zonder brede steun, maar zakt sneller weg dan eerdere kabinetten. Ter vergelijking: het kabinet-Schoof begon met 37 procent vertrouwen en stond na vier maanden nog op 36 procent. Bij Jetten is de daling veel scherper. Politiek verslaggever Fons Lambie noemt de uitkomst bij RTL “slechte cijfers”. Volgens hem wordt ook binnen de coalitie erkend dat er nog weinig is bereikt.
Opiniepeiler Gijs Rademaker vat de stemming onder veel kiezers kort samen. “Het is een bende, vinden veel kiezers.” Volgens hem is vooral opvallend dat niet alleen tegenstanders afhaken. Ook onder kiezers van coalitiepartijen verdwijnt het vertrouwen snel.
Alleen D66-kiezers houden vertrouwen
Het kabinet-Jetten steunt op D66, VVD en CDA. Toch is het vertrouwen binnen die eigen achterban broos. Volgens Rademaker hebben alleen D66-kiezers nog in meerderheid vertrouwen in het kabinet. Bij kiezers van VVD en CDA is bijna de helft van het vertrouwen in honderd dagen verdampt.
Dat is een belangrijk signaal. Jetten presenteerde zijn ploeg als een kabinet dat minder ruzie zou maken en meer zou samenwerken. De sfeer is volgens waarnemers rustiger dan onder het kabinet-Schoof, maar kiezers zien nog geen resultaat. Rust alleen is niet genoeg.
Volgens het RTL Nieuwspanel denkt nog maar 12 procent van de kiezers dat het kabinet grote problemen kan oplossen. Vooral op zorg en armoede is het vertrouwen vrijwel verdwenen. Kiezers verwachten nauwelijks dat deze ploeg daar verbetering in brengt.
Minderheidskabinet loopt tegen harde werkelijkheid aan
Het kabinet-Jetten is een minderheidskabinet. Dat betekent dat het voor belangrijke plannen steeds steun moet zoeken bij oppositiepartijen. Juist daar zit volgens veel kiezers het probleem. Twee derde van de ondervraagden heeft de hoop al opgegeven dat dit kabinet meerderheden kan vinden voor grote besluiten.
Slechts 23 procent gelooft nog dat het kabinet die steun wel kan regelen. Onder coalitiekiezers is dat aandeel iets hoger, maar ook daar overheerst twijfel. Vooral VVD-kiezers zijn somber. Van hen gelooft nog maar 22 procent dat het kabinet meerderheden kan vinden.
Fons Lambie wijst erop dat het kabinet de komende weken wil laten zien dat het wél kan leveren. Er wordt gewerkt aan een stikstofpakket. Ook hoopt het kabinet dat de spreidingswet de druk op de asielopvang vermindert. Daarnaast moet er een deal komen over de begroting en over bezuinigingen in de sociale zekerheid.
Maar dat is een grote gok. Het kabinet heeft steun nodig van oppositiepartijen, vakbonden en werkgevers. Ook moet het platteland het stikstofpakket accepteren. Gemeenten moeten bovendien meer asielopvang regelen. Als dat allemaal niet lukt, dreigt volgens Lambie “een zomer en herfst vol protest en onvrede”.
Asiel, stikstof en zorg blijven liggen
De grote dossiers stapelen zich op. De asielopvang blijft onder druk staan. Het stikstofdossier is nog altijd niet opgelost. De zorgkosten lopen op. Ook over armoede en koopkracht is het kabinet nog niet met een zichtbare doorbraak gekomen.
Daar wringt het. Jetten kwam met de belofte dat politiek weer werkbaar moest worden. Minder lawaai, meer overleg. Maar na honderd dagen zien kiezers vooral uitstel, overleg en losse puzzelstukjes. De vraag is of die ooit op hun plek vallen.
Vooral het asieldossier blijft gevaarlijk voor het kabinet. De spreidingswet moet gemeenten dwingen of helpen om opvang eerlijker te verdelen, maar in het land groeit de weerstand tegen nieuwe opvanglocaties. De rellen en protesten in Loosdrecht en andere gemeenten hebben het beeld versterkt dat Den Haag de controle kwijt is.
Jetten zelf verliest ook vertrouwen
Niet alleen het kabinet, ook Jetten persoonlijk krijgt een klap. Bij de start had bijna de helft van de kiezers vertrouwen in hem als premier. Nu is dat nog ongeveer een derde.
Volgens Rademaker vinden kiezers Jetten nog altijd sympathiek en betrouwbaar. Maar dat is niet genoeg. “Het lukt hem niet om mensen en partijen met elkaar te verbinden. Ook zijn leiderschap valt kiezers tegen”, zegt hij.
Zijn afwezigheid bij de rellen in Loosdrecht en andere gemeenten speelt hem volgens Rademaker parten. Veel kiezers herinneren zich dat nog goed. Op momenten van onrust verwachten mensen een premier die zichtbaar is. Jetten wist dat beeld niet te geven.
Daarin verschilt hij van Dick Schoof. Het vertrouwen in Schoof bleef in de eerste maanden van zijn premierschap relatief hoog. Volgens Rademaker had Schoof het voordeel dat de verwachtingen lager waren. Ook was hij partijloos, waardoor hij minder polariseerde.
Honderd dagen zonder doorbraak
Na honderd dagen staat het kabinet-Jetten er zwak voor. De ploeg maakt misschien minder ruzie, maar kiezers zien vooral weinig resultaat. De coalitie heeft geen meerderheid. Grote dossiers zitten vast. En het vertrouwen zakt niet alleen bij oppositiekiezers, maar ook bij de eigen achterban.
De komende maanden worden daarom bepalend. Als het kabinet op stikstof, asiel en begroting geen tastbare resultaten boekt, kan de vertrouwenscrisis verder verdiepen. Dan wordt het beeld van een vriendelijk, maar machteloos kabinet moeilijk nog te keren.
Voor Jetten ligt de lat nu hoog. Hij moet laten zien dat zijn minderheidskabinet meer is dan overleg, goede bedoelingen en hoop op steun van anderen. Na honderd dagen is de conclusie van veel kiezers duidelijk: de belofte van bestuurlijke rust heeft nog geen politieke slagkracht opgeleverd.


















































