De verhoren maken deel uit van de derde week van het onderzoek. Daarin staat de invloed van de coronacrisis op de zorg centraal. De commissie onderzoekt de periode vanaf de eerste berichten over het coronavirus eind 2019 tot het verdwijnen van de laatste maatregelen in 2022. Het eindrapport wordt begin 2027 verwacht.
Behandeling met bestaande medicijnen
Elens schreef patiënten een combinatie van hydroxychloroquine, zink en azitromycine voor. Volgens de IGJ was er onvoldoende wetenschappelijk bewijs voor deze behandeling tegen corona.
De huisarts vertelde de commissie dat hij handelde vanuit zijn ervaring en sprak over zogenoemde ‘practice based medicine’. Hij zei dat hij ook vóór de pandemie soms bestaande medicijnen gebruikte voor andere aandoeningen. Bij een van zijn eerste coronapatiënten zag hij naar eigen zeggen snel verbetering. “Ik dacht: nou, dat is mooi. Ik had gehoopt dat ik samen met Hugo dit varkentje kon gaan wassen”, zei Elens over toenmalig zorgminister Hugo de Jonge.
De inspectie waarschuwde begin 2020 tegen het gebruik van hydroxychloroquine bij corona. Elens vertelde dat hij na contact met de inspectie stopte met de behandeling. Nadat een volgende patiënt overleed, besloot hij zijn aanpak toch weer te gebruiken. “Ik moet mijn eed volgen”, zei de huisarts daarover.
De inspectie verweet hem dat hij medicijnen voorschreef die niet waren goedgekeurd voor de behandeling van corona. Ook kreeg hij kritiek omdat hij patiënten een verklaring liet tekenen rond vaccinatie.
Uiteindelijk kreeg Elens geen boete, maar een waarschuwing. Het Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg stelde later dat toenmalig minister Hugo de Jonge zich “actief bemoeid” had met het beleid van de inspectie tegenover de huisarts. “Ik heb een jaar lang gevoeld alsof ik werd tegengewerkt”, zei Elens tegen de commissie.
‘Ik wil excuses’
Tijdens het verhoor sprak Elens zich kritisch uit over De Jonge. “Ik vind het zeer pijnlijk en ik wil excuses”, zei hij. Volgens de huisarts begrijpt hij niet waarom de voormalige minister zich zo met zijn zaak heeft beziggehouden. “De inspectie gaat niet zomaar op pad”, stelde Elens.
Ook sprak hij over de vaccinatiecampagne met AstraZeneca. Volgens hem had hij destijds twijfels vanwege de informatie die beschikbaar was. “Ik zei tegen mijn vrouw: ik wil hier niet aan meewerken.”
Zijn vrouw stelde volgens hem voor om patiënten een extra formulier met informatie te laten tekenen. Aan het einde van het verhoor vroeg de commissie naar zijn vertrouwen in de overheid. Volgens Elens heeft de coronaperiode schade aangericht. Hij noemde zijn vertrouwen in de overheid “beschadigd”. Volgens hem zijn “eerlijkheid” en “transparantie” nodig om dat vertrouwen terug te winnen.
Ook vindt de huisarts dat huisartsen en andere eerstelijnszorgverleners tijdens de crisis onvoldoende zijn meegenomen. “Ik voelde me niet gehoord door het ministerie en dat was pijnlijk”, aldus Elens.