Woede om druk om Israëlische ambassadeur te weren bij Holocaustherdenking

Een herdenking van vermoorde en gedeporteerde Rotterdamse Joden is het toneel geworden van een felle politieke strijd. DENK, de Partij voor de Dieren en tientallen pro-Palestijnse organisaties eisen dat de Israëlische ambassadeur Zvi Vapni wordt geweerd. Wanneer hij toch komt, zou burgemeester Carola Schouten volgens hen zelf moeten wegblijven.
De herdenking vindt op 30 juli plaats bij Loods 24. Vanaf deze Rotterdamse plek werden tijdens de Holocaust duizenden Joden uit de stad en de omgeving afgevoerd naar vernietigingskampen. De Israëlische ambassadeur en zijn voorgangers wonen de bijeenkomst al jaren bij. Toch noemen de tegenstanders zijn aanwezigheid nu ‘moreel verwerpelijk’.
Lange lijst met activisten
De brief aan Schouten is ondertekend door 63 organisaties en activisten. Onder de ondertekenaars staat PGNL rond Abou Amin Rashed, die geldt als boegbeeld van een netwerk van Hamas-aanhangers. Ook de Global Sumud Flotilla staat op de lijst. Aan die organisatie is Saif Abukeshek verbonden, die volgens de Amerikaanse overheid een belangrijke Hamas-vertegenwoordiger in Europa is.
Verder hebben lokale groepen als Zaankanters4Palestine en Culemborg for Gaza hun naam onder de oproep gezet. Zij willen niet alleen invloed op de gastenlijst, maar zetten ook de aanwezigheid van Schouten onder druk.
Schouten wil in gesprek
Schouten zegt dat zij ‘signalen’ krijgt van ‘bezorgdheid over de waardigheid van de herdenking door de aanwezigheid van de Israëlische ambassadeur’, meldt De Telegraaf. Zij schrijft daarover: ‘En die bezorgdheid begrijp ik.’ Ook wil zij bespreken hoe ‘we de waardigheid van de herdenking zoveel mogelijk kunnen waarborgen’.
Volgens Schouten moet dit gebeuren voor ‘de nabestaanden én voor de stad’. Haar woordvoerder wil niet zeggen of een compromis wordt overwogen. ‘De burgemeester heeft oog voor de emoties, van beide kanten, en daarover wil ze in gesprek.’
Joodse gemeenschap trekt grens
Chris den Hoedt, voorzitter van de Joodse Gemeente Rotterdam, weigert de herdenking aan te passen. Ook twee andere Joodse organisaties hebben die boodschap aan Schouten overgebracht. Volgens Den Hoedt ontbreekt het de burgemeester aan duidelijk leiderschap.
‘De burgemeester probeert iedereen te vriend te houden. Dat is een probleem bij de huidige verantwoordelijken; ze tonen geen leiderschap. Het is pappen en nathouden en dat gaat uiteindelijk ten koste van een kleine minderheid’, zegt hij. Den Hoedt wijst erop dat veel Rotterdamse Joden na de oorlog naar Israël vertrokken, nadat teruggekeerde Joden kil waren ontvangen.
‘Deze groep en hun nabestaanden worden door de ambassadeur vertegenwoordigd. Het is voor onze gemeenschap belangrijk dat hij er is’, stelt Den Hoedt. Ook een voorstel waarbij Vapni wel aanwezig is, maar niet spreekt, wijst hij af. ‘Loods 24 bepaalt het programma. De politiek bepaalt niet wat een acceptabele stem is en wat niet. Want dat is de onderliggende boodschap van die partijen, die hun mond vol hebben van verbinding.’
Ambassadeur reageert fel
Vapni benadrukt dat zijn aanwezigheid door de Joodse gemeenschap wordt ‘gewaardeerd en van groot belang geacht’. Hij stelt dat een kleine groep probeert de vertegenwoordiging van Israël uit te sluiten. Volgens hem wordt daarmee de betekenis van de herdenking aangetast.
‘Het is verachtelijk en schandalig dat een kleine extremistische groepering haat verspreidt en probeert de vertegenwoordiging van de Joodse staat uit te sluiten van deze belangrijke herdenking. Daarmee probeert deze groep de herinnering aan de Holocaust te vertroebelen en te misbruiken. Voor deze radicale activisten bestaat kennelijk geen enkele morele ondergrens’, aldus de ambassadeur.





















































