Nieuwe wet maakt gedwongen vertrek asielzoekers makkelijker: weigeraars riskeren celstraf

De overheid krijgt meer mogelijkheden om afgewezen asielzoekers en andere vreemdelingen die Nederland moeten verlaten, te dwingen mee te werken aan hun vertrek. Dat maakte asielminister Bart van den Brink (CDA) deze week bekend, nadat de Eerste Kamer had ingestemd met de Wet terugkeer en vreemdelingenbewaring. Wie blijft weigeren mee te werken, kan onder voorwaarden een gevangenisstraf van maximaal drie maanden of een geldboete krijgen.
De nieuwe wet moet voorkomen dat mensen die Nederland moeten verlaten hun terugkeer frustreren door niet mee te werken aan de procedure. Zo kan de overheid voortaan fysieke dwang toepassen wanneer iemand weigert te verschijnen bij een vertrekgesprek of een presentatie op een ambassade. Wie vervolgens blijft weigeren aan een wettelijke verplichting mee te werken, kan strafrechtelijk worden aangepakt.
Het kabinet wil daarmee meer mogelijkheden krijgen om vertrek daadwerkelijk af te dwingen. Volgens het ministerie van Asiel en Migratie is de maatregel bedoeld voor vreemdelingen die niet vrijwillig vertrekken, terwijl zij daartoe wel verplicht zijn.
Ook worden de mogelijkheden uitgebreid om vreemdelingen die door crimineel gedrag ernstige overlast veroorzaken, ongewenst te verklaren. Dat kan bijvoorbeeld gaan om mensen die zich schuldig maken aan diefstal of geweld. Een ongewenstverklaring betekent dat iemand Nederland moet verlaten en niet mag terugkeren.
Strengere maatregelen bij overlast
De aangenomen wetgeving verandert daarnaast de regels voor vreemdelingenbewaring. Dat is geen gevangenisstraf, maar een maatregel om iemand beschikbaar te houden voor de terugkeerprocedure. Bewaring moet daarbij een laatste redmiddel blijven.
Wel krijgen directeuren van detentiecentra meer mogelijkheden om bij ernstige orde- en veiligheidsproblemen in te grijpen. In uitzonderlijke situaties kan een lockdown worden ingesteld, waarbij ingeslotenen maximaal 23 uur per dag op hun cel verblijven.
De wet kent een lange voorgeschiedenis. Het oorspronkelijke voorstel werd al in 2015 ingediend, maar de behandeling liep door verschillende wijzigingen en politieke discussies jarenlang vertraging op.
Dinsdag stemde een ruime meerderheid van de Eerste Kamer uiteindelijk voor de Wet terugkeer en vreemdelingenbewaring. Onder meer PVV, VVD, CDA, D66, JA21, BBB, FVD en SGP steunden het voorstel. Volt, SP en Partij voor de Dieren stemden tegen.
Aan de wetgeving is ook de afschaffing van rechterlijke dwangsommen voor de IND gekoppeld. Daarover berichtte NieuwRechts eerder deze week al. De nieuwe maatregelen treden niet allemaal tegelijk in werking, maar worden gefaseerd ingevoerd.


















































