EU neemt nieuwe anti-racismewetgeving aan: meer regels, strengere handhaving

De Europese Unie heeft nieuwe anti-racismewetgeving vastgesteld. De Europese Commissie presenteerde woensdag de EU Anti-Racism Strategy 2026-2030. Volgens Brussel moet de aanpak leiden tot een “Unie van gelijkheid”, waarin raciale discriminatie structureel wordt bestreden. Tegelijk betekent de nieuwe strategie meer Europese bemoeienis met nationale wetgeving, handhaving en beleid.
De strategie volgt op het eerdere actieplan voor de periode 2020-2025. De Commissie stelt dat er vooruitgang is geboekt, maar dat het probleem volgens eigen cijfers nog groot is. Uit een recente Eurobarometer blijkt dat bijna twee op de drie Europeanen vinden dat raciale discriminatie nog altijd wijdverbreid is in hun land.
Meer nadruk op handhaving en sancties
Een belangrijk onderdeel van de nieuwe strategie is strengere handhaving van bestaande EU-regels. Centraal staat de zogenoemde Racial Equality Directive uit 2000. Die richtlijn verbiedt discriminatie op grond van ras of etniciteit, onder meer op de arbeidsmarkt en bij huisvesting.
De Commissie wil nu onderzoeken waar lidstaten tekortschieten bij de uitvoering. Daarbij wordt expliciet gekeken naar “sterkere sancties” als landen zich niet aan de regels houden. Ook wordt het kader rond haatzaaien en haatmisdrijven aangescherpt. Brussel wil onder meer toewerken naar meer uniforme definities van online haatdelicten binnen de EU.
Volgens de Commissie moet dat gebeuren met behoud van de vrijheid van meningsuiting. Tegelijk roept die combinatie bij critici vragen op over waar de grens komt te liggen tussen strafbaar gedrag en scherpe politieke of maatschappelijke meningen.
Gelijke toegang als beleidsdoel
De strategie gaat verder dan wetgeving alleen. Anti-racisme moet volgens Brussel “dieper worden verankerd in het dagelijks leven”. De Commissie kondigt een EU-brede bewustwordingscampagne aan over gelijkheid en inclusie. Ook wil zij lidstaten ondersteunen bij het aanpakken van vermeende ongelijkheid in sectoren als onderwijs, werk, zorg en wonen.
Zo wil de Commissie helpen om “vooroordelen” in de gezondheidszorg terug te dringen en de toegang tot de arbeidsmarkt te verbeteren. Daarnaast komt er een studie naar risico’s op de woningmarkt voor kwetsbare groepen. Ook wordt ingezet op betere dataverzameling over discriminatie, binnen de grenzen van nationale wetgeving.
Grotere rol voor Brussel en gesubsidieerde organisaties
De uitvoering van de strategie vraagt volgens de Commissie om samenwerking op alle niveaus. Nationale overheden, regionale bestuurders, bedrijven en maatschappelijke organisaties krijgen daarin een rol. De functie van EU-anti-racismecoördinator blijft bestaan en moet de samenwerking tussen Brussel, lidstaten en het maatschappelijk middenveld versterken.
Opvallend is dat de Commissie onder het volgende Meerjarig Financieel Kader extra geld wil uittrekken voor anti-racisme-organisaties. Die steun loopt via het programma Democracy, Citizens, Equality, Rights and Values. Daarmee vergroot Brussel zijn financiële betrokkenheid bij maatschappelijke initiatieven op dit terrein.
Focus op meerdere vormen van discriminatie
De strategie richt zich expliciet op verschillende vormen van racisme, waaronder anti-zwart racisme, antisemitisme, anti-Aziatisch racisme en anti-moslimhaat. Lidstaten worden aangemoedigd om eigen nationale plannen te maken die aansluiten bij de Brusselse aanpak. Waar EU-regels volgens de Commissie niet worden nageleefd, kan zij ingrijpen.
In 2026 verschijnt een nieuw rapport over de toepassing van de Racial Equality Directive. Daarbij wordt ook gekeken naar het gebruik van AI-systemen en het risico op zogenoemde algoritmische discriminatie.
Politieke context
De nieuwe strategie past binnen de bredere koers van Commissievoorzitter Ursula von der Leyen, die inzet op een “Union of Equality”. De verantwoordelijke commissaris Hadja Lahbib waarschuwde bij de presentatie dat rechten “onder druk staan” en verdedigd moeten worden. Volgens haar is dit “niet het moment om te fluisteren, maar om te handelen”.
Ook vicevoorzitter Roxana Mînzatu benadrukte dat racisme volgens Brussel “geen plaats heeft in de Unie” en dat de strategie dat principe moet omzetten in concrete actie.

















































