Rapport: migratiebeleid moet niet langer vanuit Brussel

Europese lidstaten moeten weer zelf kunnen bepalen wie hun land binnenkomt. Dat kan betekenen dat EU-regels worden losgelaten, terugkeerbeleid wordt aangescherpt en nationale parlementen opnieuw het laatste woord krijgen over asiel en migratie. Dat staat in een nieuw internationaal rapport waarin wordt gepleit voor het terughalen van migratie- en asielbeleid van Brussel naar de lidstaten.
Volgens de auteurs is het huidige Europese beleid vastgelopen. Lidstaten zouden onvoldoende ruimte hebben om hun grenzen te bewaken en hun eigen belangen te beschermen. ‘Het is tijd om de controle terug te nemen van Brussel, eens en voor altijd’, zo luidt de kernboodschap van het rapport.
Rapport van Europese denktanks
Het rapport is opgesteld door het Centrum voor Europese Studies van het Mathias Corvinus Collegium en het Migratie Onderzoeksinstituut. De publicatie werd ondersteund door Ordo Iuris en het Europese Centrum voor Recht en Rechtvaardigheid. De titel van het rapport is 'De controle terugnemen van Brussel: de renationalisering van het migratie- en asielbeleid van de EU'.
De auteurs toetsen of het Europese migratie- en asielbeleid nog voldoet aan het subsidiariteitsbeginsel. Dat beginsel stelt dat beleid alleen op EU-niveau moet worden geregeld als lidstaten dat zelf niet beter kunnen. Na dertig jaar gemeenschappelijk beleid is hun conclusie scherp: die voorwaarde wordt niet langer gehaald.
Het rapport is gebaseerd op officiële migratiecijfers en een juridische analyse. Volgens de auteurs heeft het EU-beleid niet gezorgd voor effectieve grenscontrole, geloofwaardige handhaving of succesvolle integratie. Hoge migratiestromen en lage terugkeerpercentages blijven het beeld bepalen.
Beperkte ruimte voor lidstaten
Volgens het rapport werkt het huidige EU-kader eerder verlammend dan oplossingsgericht. Lidstaten zouden vastzitten in een ‘rigide juridisch en rechterlijk kader’ dat weinig ruimte laat voor nationaal ingrijpen. Dat maakt het lastig om snel te reageren op migratiedruk of veiligheidsproblemen.
Ook internationale en Europese verdragen worden kritisch bekeken. Deze zouden zijn opgesteld voor een andere historische context. Volgens de auteurs sluiten ze niet meer aan bij de huidige schaal en aard van migratie. Verdere harmonisatie op EU-niveau wordt daarom afgewezen, omdat dit de kernproblemen niet oplost.
De auteurs wijzen erop dat migratie inmiddels een van de meest dominante politieke thema’s in Europa is geworden. Sociale en veiligheidsdruk nemen toe, terwijl nationale overheden volgens het rapport steeds minder middelen hebben om bij te sturen.
Pleidooi voor nationale zeggenschap
In het rapport staat dat ‘het tijd is voor lidstaten om hun soevereiniteit terug te nemen en zelf te beslissen welk migratie- en asielbeleid werkt voor hun eigen landen’. Kleine aanpassingen zijn volgens de auteurs niet meer voldoende. ‘Incrementele hervormingen hebben hun limieten bereikt.’
De voorgestelde oplossing is een herverdeling van bevoegdheden. Migratie en asiel moeten weer primair nationale verantwoordelijkheden worden. Alleen dan kunnen landen volgens het rapport effectief sturen op grensbewaking, terugkeer, terugnameakkoorden en asielprocedures.
De conclusie is helder. Minder macht voor Brussel en meer controle voor lidstaten. Alleen zo kan volgens de auteurs het vertrouwen in migratiebeleid worden hersteld en krijgen landen weer grip op een van de meest ingrijpende politieke dossiers van deze tijd.

















































