EU plaatst Iraanse Revolutionaire Garde op terreurlijst na massamoord op demonstranten

De Europese Unie heeft de Iraanse Revolutionaire Garde officieel aangemerkt als terroristische organisatie. De ministers van Buitenlandse Zaken van alle 27 EU-landen stemden daar unaniem mee in. Het besluit volgt na maanden van politieke verdeeldheid en komt na nieuwe berichten over grootschalig geweld tegen burgers in Iran.
Tot voor kort ontbrak de vereiste eenstemmigheid. Vooral zorgen over diplomatieke gevolgen hielden enkele lidstaten tegen. Die weerstand is nu verdwenen, nadat Frankrijk van positie veranderde. Daarmee kwam de weg vrij voor een gezamenlijk Europees besluit.
Nederland drong al langere tijd aan op deze stap. Demissionair minister Van Weel van Buitenlandse Zaken spreekt van een belangrijk signaal. “Hiermee laten we zien dat we de Iraanse bevolking steunen en dat Europa samen opstaat tegen de repressie van het regime,” zegt hij. Volgens Van Weel kan de EU niet langer wegkijken van het geweld dat het Iraanse bewind gebruikt om protesten de kop in te drukken.
Duizenden doden bij protesten
Aanleiding voor het besluit is het bloedige optreden van het Iraanse regime tegen demonstranten. Mensenrechtenorganisatie HRANA meldt dat bij recente protesten meer dan 6000 mensen zijn omgekomen. Veiligheidstroepen zouden daarbij met scherp hebben geschoten en massaal arrestaties hebben verricht.
Die cijfers maakten het voor twijfelende landen steeds moeilijker om terughoudend te blijven. Italië behoorde tot de landen die aanvankelijk aarzelden, maar nu alsnog instemden. De Italiaanse minister van Buitenlandse Zaken Tajani zei dinsdag: “De verliezen die de burgerbevolking tijdens de protesten heeft geleden, vereisen een duidelijke reactie.”
Ook Frankrijk benadrukte dat een grens is bereikt. Minister Barrot verklaarde dat er “geen sprake mag zijn van straffeloosheid”.
Diplomatieke zorgen opzijgezet
Tegenstanders van de maatregel waarschuwden eerder dat het plaatsen van de Revolutionaire Garde op de terreurlijst diplomatieke contacten met Iran vrijwel onmogelijk maakt. Dat kan gevolgen hebben voor gesprekken over bijvoorbeeld gevangenen met een Europees paspoort.
Die zorgen zijn nu ondergeschikt gemaakt aan de ernst van de situatie. De lidstaten stellen dat mensenrechten zwaarder wegen dan diplomatiek gemak.
Extra sancties tegen personen
Naast het aanmerken van de Revolutionaire Garde als terroristische organisatie, heeft de EU ook 21 personen en organisaties toegevoegd aan de sanctielijst. Het gaat onder meer om de Iraanse minister van Binnenlandse Zaken Momeni en meerdere commandanten van de Garde. Zij mogen de EU niet meer in en hun tegoeden in Europa kunnen worden bevroren.
Volgens EU-buitenlandchef Kaja Kallas heeft de maatregel vooral symbolische betekenis. Maar die symboliek is volgens haar belangrijk. “Hiermee plaatsen we ze op gelijke voet met al-Qaida, Hamas en IS. Als je je gedraagt als een terrorist, moet je worden behandeld als een terrorist,” zei zij.
Kallas noemt het geweld in Iran “zeer ernstig”. “Het dodental bij de protesten en de middelen die het regime heeft ingezet, laten geen ruimte voor twijfel,” aldus de EU-buitenlandchef. “Als je mensen onderdrukt, dan betaal je een prijs.”
Machtige elite-eenheid
De Islamitische Revolutionaire Garde werd opgericht na de revolutie van 1979. Het doel was het beschermen van de ayatollahs en de nieuwe islamitische staat. In de decennia daarna groeide de Garde uit tot een machtige organisatie met militaire, politieke en economische invloed.
De elite-eenheid heeft een eigen leger, marine, luchtmacht en inlichtingendienst. Ook de Quds-brigade maakt er deel van uit. Deze eenheid onderhoudt contacten met buitenlandse milities zoals Hezbollah, Islamitische Jihad en Hamas. Zij krijgen wapens, training en geld. De Quds-brigade rapporteert rechtstreeks aan opperste leider ayatollah Khamenei.
Aanslagen en buitenlandse operaties
De Revolutionaire Garde wordt al jaren in verband gebracht met aanslagen en militaire acties buiten Iran. Zo was de eenheid verantwoordelijk voor de grootschalige drone- en raketaanval op Israël in juni vorig jaar. Die aanval volgde op een Israëlische luchtaanval op de Iraanse ambassade in Damascus.
In januari 2020 werd Quds-commandant generaal Qassem Soleimani door de Verenigde Staten gedood bij een droneaanval in Bagdad.
Ook binnen Iran is de Revolutionaire Garde berucht. De paramilitaire Basij-militie valt onder haar gezag. Deze eenheid speelde een centrale rol bij het neerslaan van recente protesten. Tienduizenden leden werden ingezet tegen demonstranten, met duizenden doden tot gevolg.
EU volgt VS na jaren aarzeling
De Verenigde Staten plaatsten de Revolutionaire Garde al in 2019 op de terreurlijst, tijdens de eerste termijn van president Trump. Het Europees Parlement riep begin 2023 al op om dat voorbeeld te volgen, na eerdere protesten in Iran.
Toen bleef de EU nog verdeeld. Nu, na het recente geweld en het hoge dodental, is die verdeeldheid verdwenen. Met het besluit zet de EU een harde stap in haar relatie met Iran en kiest zij openlijk de kant van de Iraanse demonstranten.























































