Brussel kraakt Nederlandse huurwet: ‘Risico op armoede wordt groter’

De Europese Commissie wil dat Nederland de Wet betaalbare huur aanpast. Volgens Brussel dreigt de wet de huurmarkt juist kleiner te maken. Daardoor kunnen lage en middeninkomens moeilijker een woning vinden. Het risico op armoede wordt volgens de Commissie groter, meldt De Telegraaf.
Dat staat in de jaarlijkse aanbevelingen van de Europese Commissie aan Nederland. Brussel kijkt daarin naar sociaal en economisch beleid. Meestal gaan de waarschuwingen over bekende thema’s, zoals de hypotheekrenteaftrek en het grote aantal zelfstandigen. Dit keer ligt ook de huurwet onder vuur.
Huurwet pakt anders uit
De Wet betaalbare huur werd ingevoerd onder toenmalig woonminister Hugo de Jonge. Het doel was om middenhuren betaalbaar te houden. Meer woningen kwamen onder huurregulering te vallen. Daardoor moesten huurders beter worden beschermd tegen hoge prijzen.
Maar volgens critici heeft de wet ook een keerzijde. Steeds meer particuliere verhuurders verkopen hun woningen. Door strengere regels en hogere belastingen leveren huurhuizen minder op. Daardoor verdwijnen woningen uit de vrije huursector.
De Europese Commissie ziet dat probleem nu ook. Volgens Brussel kan de wet “verlichting voor sommige huurders” geven. Tegelijk leidt zij tot een “krimpende huurvoorraad”. Dat raakt juist mensen die geen sociale huurwoning krijgen, maar ook geen koopwoning kunnen betalen.
‘Risico op armoede’
De waarschuwing uit Brussel is stevig. Als het aanbod aan huurwoningen afneemt, komen lage en middeninkomens verder in de knel. Zij moeten langer zoeken, meer betalen of genoegen nemen met slechtere woonruimte.
Volgens de Commissie verhoogt dit “het risico op armoede voor huishoudens met lage- en middeninkomens”. Daarmee wordt de huurwet niet alleen een woonprobleem, maar ook een sociaal probleem.
Vooral de middenhuur is daarbij kwetsbaar. Dat segment is bedoeld voor leraren, agenten, verpleegkundigen en jonge gezinnen die te veel verdienen voor sociale huur, maar te weinig hebben om te kopen. Juist daar lijkt het aanbod nu verder te krimpen.
Brussel wil aanpassingen
De Europese Commissie wil dat de huurwet op de schop gaat. Een mogelijke route is om de maximale huur sterker te koppelen aan de woningwaarde. Daardoor kunnen huren bij duurdere woningen hoger uitvallen.
Dat moet verhuurders stimuleren om hun woningen niet massaal te verkopen. Tegelijk wil Brussel dat er wel wordt opgetreden tegen excessief hoge huren. Zo moet worden voorkomen dat beleggers de markt domineren en starters wegdrukken.
Het kabinet heeft al een kleine stap gezet. Woonminister Boekholt-O’Sullivan besloot dat huren omhoog mogen bij woningen met een hogere WOZ-waarde. Ook levert het ontbreken van een balkon of andere buitenruimte niet langer automatisch een korting op de huurprijs op.
Minister wil wet niet afbreken
Toch wil het kabinet de Wet betaalbare huur niet ingrijpend wijzigen. Minister Boekholt-O’Sullivan verdedigt de kern van de wet. Volgens haar beschermt die huurders tegen te hoge huren.
“Het uitgangspunt is dat deze wet heel veel goeds doet”, zei de D66-minister woensdag. “Het heeft ook echt iets aangepakt dat aangepakt moet worden, namelijk de bescherming van de huurders. Ik weiger om huurders en verhuurders tegenover elkaar te zetten.”
Wel erkent zij dat de krimpende huurvoorraad een probleem is. De maatregelen die het kabinet tot nu toe neemt, zijn volgens haar “niet genoeg”. Maar ze wil dat niet oplossen door de Wet betaalbare huur simpelweg terug te draaien.
“Ik vind dat we meer moeten doen, maar niet via de Wet betaalbare huur”, aldus Boekholt-O’Sullivan. Zij wil zoeken naar een “integraal pakket” van maatregelen.
Minder regels rond bouwen
Brussel kijkt niet alleen naar de huurmarkt. De Europese Commissie steunt ook de wens van het kabinet om de bureaucratie rond woningbouw te verminderen. Vergunningen moeten sneller worden afgegeven. Procedures moeten korter. Zo moet de bouw van nieuwe woningen sneller op gang komen.
Ook stelt de Commissie dat er “meer land beschikbaar” kan worden gemaakt voor woningbouw. Wat voor land dat moet zijn, zegt Brussel niet duidelijk. Het kan gaan om locaties binnen steden, maar mogelijk ook om grond buiten de bestaande bebouwing.
Daar wringt opnieuw een bekend Nederlands probleem. De vraag naar woningen is groot, maar ruimte is schaars. Tegelijk roept Brussel Nederland op om de stikstofuitstoot verder terug te dringen en meer te doen tegen de slechte waterkwaliteit. Dat kan woningbouw juist weer moeilijker maken.





















































