Onderzoek: slechts negen procent van Nederlanders wil azc in eigen buurt

Nederlanders staan zeer terughoudend tegenover asielopvang in de eigen buurt. Uit representatief onderzoek uitgevoerd door Panel Inzicht voor het AD onder bijna 4700 mensen blijkt dat slechts 9 procent graag een asielzoekerscentrum (azc) in de eigen buurt of wijk ziet komen. Daarmee blijft het draagvlak voor opvang dichtbij huis klein. Het onderzoek laat ook zien dat het vertrouwen in gemeenten en het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA) zeer beperkt is.
De uitkomsten passen bij de felle debatten en protesten die dit jaar op veel plekken in Nederland te zien waren. De komst van tijdelijke of vaste opvanglocaties zorgt vaak voor onrust. Over nieuwkomers in het algemeen zijn de meningen verdeeld. Van de ondervraagden is 38 procent zeer negatief of negatief, 31 procent zeer positief of positief en 30 procent neutraal.
Weinig steun voor opvang dichtbij
Bijna een derde van de respondenten vindt dat asielopvang idealiter buiten Nederland moet plaatsvinden. Over het spreidingsbeleid van de overheid is 43 procent positief en 37 procent negatief. Nog eens 20 procent is neutraal of heeft geen mening. In Noord-Holland is de steun groter, terwijl Friesland en Limburg juist kritischer zijn.
Ook over de plek van opvanglocaties lopen de meningen uiteen. Van de respondenten wil 26 procent opvang aan de rand van woonwijken. Nog eens 32 procent wil opvang op grote afstand van wijken. Slechts 9 procent kiest voor opvang midden in de bebouwde kom. Eveneens 9 procent heeft een voorkeur voor opvang in de eigen buurt of wijk.
Voorkeur voor kleinschalig
Bijna een derde van de respondenten wil veel kleine opvanglocaties, verdeeld over het land. Een andere groep, 20 procent, ziet liever een mix van grote en kleine centra. Verder is 15 procent voor een aantal zeer grote opvangcentra. De samenstelling van de groep asielzoekers maakt veel uit voor het draagvlak.
Kenniswerkers en arbeidsmigranten krijgen de meeste steun, met 59 en 52 procent. Jonge alleenstaande mannen zijn veel minder welkom, met 15 procent steun. Voor zogenoemde veiligelanders is dat 13 procent. Helsloot zegt dat kleinschalige opvang bij Oekraïners beter werkte, omdat gemeenten die opvang zelf regelden en de samenleving die komst begreep.



















































