Britse rechter zet grenzen open voor 18-koppige familie uit Gaza

Een Palestijnse familie van achttien personen uit Gaza mag naar het Verenigd Koninkrijk komen na een gewonnen mensenrechtenzaak. De Britse regering probeerde de uitspraak nog terug te draaien, maar verloor deze week opnieuw bij het immigratietribunaal. Dit meldt Daily Mail.
De zaak draait om een vrouw die in Gaza werd geboren, als vluchteling naar het Verenigd Koninkrijk kwam en inmiddels Brits staatsburger is. Zij wilde haar uitgebreide familie naar Groot-Brittannië halen. Het gaat om haar ouders, een broer met vrouw en vier kinderen, een zus met vier kinderen, en nog een zus met man en drie kinderen.
Het Britse ministerie van Binnenlandse Zaken weigerde de aanvraag aanvankelijk. De familie kreeg geen toestemming om via de regels voor gezinshereniging van vluchtelingen naar het land te komen. Daarna stapten de familieleden naar de rechter.
Beroep op recht op gezinsleven
De Palestijnse familie beriep zich op het recht op gezinsleven uit het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens. Volgens de rechtbank zou weigering van toegang te zware gevolgen hebben voor de vrouw in Groot-Brittannië en haar drie kinderen.
De lagere immigratierechter gaf de familie vorig jaar al gelijk. Minister van Binnenlandse Zaken Shabana Mahmood ging daartegen in beroep bij het hogere immigratietribunaal.
Maar rechter Gemma Loughran hield de eerdere uitspraak in stand. Volgens haar had de lagere rechter mogen oordelen dat de weigering onevenredig en onrechtmatig was onder de Britse Human Rights Act. Daarmee blijft de weg naar Groot-Brittannië open voor de achttien familieleden uit Gaza.
Familie krijgt anonimiteit
De hele familie kreeg van de rechtbank anonimiteit. Uit de uitspraak blijkt wel dat de meeste volwassen aanvragers geen Engels spreken. Ook staat erin dat de vrouw in Groot-Brittannië alleen haar ouders zou kunnen huisvesten.
De lagere rechter concludeerde volgens de uitspraak bovendien dat de familieleden waarschijnlijk toegang tot publieke middelen nodig zullen hebben. Met andere woorden: zij zullen vermoedelijk afhankelijk worden van financiële steun.
Ook speelde mee dat de vrouw in Groot-Brittannië en haar drie kinderen psychische problemen zouden hebben gekregen door de situatie van hun familieleden in Gaza.
Rechter: weigering te hard
Rechter Loughran citeerde de kern van de eerdere beslissing. De lagere rechter had geoordeeld dat weigering van toegang “gevolgen van zodanige ernst” zou hebben voor de vrouw en haar kinderen dat die “ongerechtvaardigd hard” zouden zijn.
Daarom woog het familiebelang volgens de rechter zwaarder dan het publieke belang bij handhaving van de immigratieregels. “Ik concludeer dat de beslissing van de rechter moet blijven staan”, aldus Loughran.
Politieke rel over mensenrechtenwetgeving
De uitspraak zorgt opnieuw voor politieke spanning in Londen. Critici zien de zaak als bewijs dat mensenrechtenwetgeving de Britse grenscontrole ondermijnt. De beslissing werd genomen op basis van de Human Rights Act, de Britse wet die rechten uit het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens verwerkt in het nationale recht.
De Conservatieven reageren fel. Schaduwminister van Binnenlandse Zaken Chris Philp noemt de uitspraak “beschamend” en waarschuwt dat zij “de sluizen kan openen voor duizenden Palestijnen die hier asiel claimen”.
Volgens Philp moeten migranten niet in staat zijn om hun “hele uitgebreide familie” naar het Verenigd Koninkrijk te halen. Hij eist dat de regering in hoger beroep gaat.
“Wij kunnen geen open grenzen hebben met enorme aantallen migranten die mensenrechtenwetten gebruiken om hierheen te komen of hier te blijven”, zegt hij. Volgens hem is dit opnieuw bewijs dat het immigratietribunaal moet worden afgeschaft en dat het Verenigd Koninkrijk het Europees mensenrechtenverdrag moet verlaten.
Eerder vergelijkbare zaak
De zaak volgt op eerdere ophef over een andere Gazaanse familie die via een juridische route toegang tot Groot-Brittannië kreeg. In die zaak werd aanvankelijk gebruikgemaakt van een regeling die bedoeld was voor Oekraïense vluchtelingen.
Premier Keir Starmer zei toen dat hij daartegen was. Volgens hem hoort het parlement de immigratieregels vast te stellen.
Toch toont de nieuwe uitspraak dat rechters via mensenrechtenwetgeving nog steeds besluiten van het ministerie kunnen terugdraaien. Juist dat maakt de zaak politiek explosief.
Het ministerie van Binnenlandse Zaken wil niet inhoudelijk reageren. Voor de familie uit Gaza betekent de uitspraak voorlopig dat zij alsnog naar Groot-Brittannië mag komen. Voor de Britse politiek is de zaak opnieuw een front in het debat over grenzen, mensenrechten en de vraag wie uiteindelijk beslist over immigratie: de regering of de rechter.


















































