Columnist over blanke Nederlanders: ‘Vergt emotionele arbeid om banden aan te halen’

Journalist en historicus Tayfun Balcik schrijft in een column voor De Kanttekening openlijk over zijn verhouding tot 'witte Nederlanders' en de demografische veranderingen in Amsterdam. Hij stelt dat het voor hem ‘emotionele arbeid’ kost om contact met blanke Nederlanders op te bouwen. Tegelijk beschrijft hij hoe Amsterdammers uit de stad verdwijnen door hoge woningprijzen. ‘Amsterdam is nu van de anderen.'
Lees ook

Lijsttrekker moslimpartij Amsterdam: ‘Moslims kunnen geen vrienden zijn met witte mensen'
Balcik groeide naar eigen zeggen op in Amsterdam Nieuw-West zonder blanke Nederlanders om zich heen. Tegenwoordig heeft hij door zijn werk wel structureel contact met hen. Dat contact ervaart hij anders dan zijn omgang met Turkse Nederlanders en andere 'Nederlanders van kleur'.
‘Emotionele arbeid’ bij blanke Nederlanders
Daarover schrijft Balcik: ‘Het vergt emotionele arbeid om de banden aan te halen met witte Nederlanders’. Die inspanning hoeft hij volgens eigen zeggen niet te leveren bij Turkse Nederlanders en in mindere mate bij andere Nederlanders van kleur. Hij koppelt die ervaring aan alledaagse situaties waarin hij verschillen meent te zien.
Zo beschrijft hij hoe een Turkse man met een volle winkelwagen hem in een Turkse supermarkt na oogcontact liet voorgaan. In een Albert Heijn maakte hij volgens eigen zeggen iets anders mee. Daar drong een blanke vrouw zonder hem aan te kijken voor bij de kassa. Balcik benadrukt daarbij dat zulke voorbeelden niet automatisch iets zeggen over alle Turkse mannen of alle blanke vrouwen.
Toch blijven zulke momenten volgens hem hangen. Ook tijdens fietstochten door het Vondelpark kijkt hij naar groepen blanke sporters en denkt hij na over zijn eigen band met de stad. Verderop, rond de P.C. Hooftstraat, ziet hij rijkere Amsterdammers die volgens hem geen onderdeel zijn van zijn eigen leefwereld.
‘Amsterdam is nu van de anderen’
Balcik koppelt die afstand ook aan de woningmarkt. Hij schrijft dat allochtone Amsterdammers die in de stad zijn geboren inmiddels verspreid over andere steden wonen. Volgens hem werd Amsterdam voor middenklassers te duur om er een gezin te beginnen.
Tegelijk ziet hij mensen die volgens hem woningen in Amsterdam opkopen en aan studenten verhuren. Over die ontwikkeling schrijft hij: ‘Amsterdam is nu van de anderen’. Kort daarna volgt: ‘Ons Amsterdam is geschiedenis’.
Balcik zegt dat hij die conclusie pijnlijk vindt, maar er steeds meer vrede mee krijgt. Hij woont inmiddels in Den Haag en noemt zichzelf een aarzelende Hagenees. Tegelijk schrijft hij: ‘Nederland is groter dan Amsterdam-West’.
In zijn column richt Balcik zich ook op de babyboomgeneratie. Hij schrijft dat jongeren ruimte nodig hebben en vraagt zich af of ouderen bereid zijn die ruimte te geven. Daarbij noteert hij: ‘Of heeft die generatie haar handen al vol aan haar eigen witte (klein)kinderen? Het hemd is nader dan de rok’.
Balcik hield zich eerder ook bezig met de manier waarop de geschiedenis van Amsterdam wordt verteld. Hij maakte deel uit van de commissie die de vernieuwde Canon van Amsterdam samenstelde en richtte zich daarbij vooral op volkshuisvesting en gentrificatie. In de nieuwe Canon kregen migratie en kolonialisme meer aandacht, terwijl onder meer de moord op Theo van Gogh werd geschrapt. Balcik verdedigde die koers met de woorden: ‘Precies op de punten van kolonialisme en migratie zie ik dat er heel veel blinde vlekken waren. En dat er toch op een hele negatieve manier over andere groepen werd gesproken. Dus ik denk dat we daarin heel veel hebben rechtgetrokken.’



























































