Raad van State haalt uit naar begroting kabinet-Jetten: werken loont niet meer

De lastenverhogingen van het kabinet-Jetten komen in 2027 vrijwel volledig terecht bij werkenden. Dat concludeert de Raad van State na beoordeling van de begroting. Van de 6 miljard euro aan lastenverzwaringen komt volgens het adviesorgaan 5,8 miljard euro voor rekening van arbeid. Tegelijkertijd dalen de lasten voor bedrijven en vermogenden licht.
Die verdeling botst volgens de Raad van State met het uitgangspunt van het kabinet dat werken moet lonen. In de Miljoenennota en het coalitieakkoord wordt dat doel nadrukkelijk genoemd. In de financiële uitwerking gebeurt volgens de adviseurs echter iets anders. Extra uitgaven worden herhaaldelijk gefinancierd door de lasten op arbeid te verhogen. Zo gaat onder meer de inkomstenbelasting omhoog.
De kritiek is extra relevant vanwege de vergrijzing. Nederland krijgt te maken met een relatief kleinere groep werkenden die een steeds groter deel van de verzorgingsstaat moet financieren. Tegelijkertijd blijft de economische groei achter. De Raad van State waarschuwt daarom dat het zwaar belasten van arbeid op langere termijn niet houdbaar is.
De cijfers voor 2027 laten volgens het adviesorgaan een duidelijke scheefgroei zien. Het kabinet voert voor in totaal ongeveer 6 miljard euro aan lastenverzwaringen door. Daarvan raakt 5,8 miljard euro werkenden.
Bedrijven en mensen met vermogen krijgen per saldo juist met een kleine lastenverlichting te maken. Dat is volgens de Raad van State moeilijk te rijmen met eerdere adviezen om de belastingdruk evenwichtiger te verdelen. Juist met het oog op de vergrijzing zou voorkomen moeten worden dat een steeds kleinere beroepsbevolking een steeds groter deel van de collectieve voorzieningen financiert.
De Raad van State is niet alleen kritisch op de belastingmaatregelen. Ook de bredere koers van de begroting krijgt kritiek. Het kabinet brengt volgens het adviesorgaan goed in kaart met welke grote problemen Nederland kampt. Daarbij gaat het onder meer om geopolitieke spanningen, het woningtekort en problemen in het onderwijs.
De financiële keuzes sluiten daar volgens de adviseurs onvoldoende op aan. Verschillende maatregelen worden uitgesteld of helemaal niet uitgevoerd. Daarmee blijven problemen liggen en worden de gevolgen naar toekomstige generaties verschoven. “Voor hen is existentieel wat nu wordt opgelost en wat wordt uitgesteld”, stelt de Raad van State over jongeren en toekomstige generaties.

























































