Ambtenaren waarschuwen: asielketen kan vastlopen door 150.000 Oekraïners

Ambtenaren van het ministerie van Asiel en Migratie waarschuwen voor grote problemen zodra de tijdelijke bescherming van ongeveer 150.000 Oekraïners afloopt. Zonder een aparte overgangsregeling dreigt volgens het ministerie een „niet te dragen en structurele overbelasting” van de IND, het COA, de rechtspraak en andere organisaties in de migratieketen. Tegelijk is nog niet duidelijk waar het geld voor die overgang vandaan moet komen.
Lees ook

Asielterreur in Ter Apel: ruim 20.000 meldingen sinds 2022, gemiddeld 14 per dag
Dat blijkt uit een beslisnota die minister Bart van den Brink (CDA) vrijdag samen met zijn nieuwe verzamelbrief over de opvang van Oekraïners naar de Tweede Kamer stuurde. De waarschuwing staat niet op zichzelf. Uit andere stukken van dezelfde dag blijkt dat het ministerie 79 van de 103 vragen van Kamerleden over de aangepaste asielbegroting voorlopig niet beantwoordt.
IND werkt al ‘structureel boven capaciteit’
De Europese Richtlijn Tijdelijke Bescherming voor Oekraïners loopt inmiddels tot 4 maart 2028. Nederland wil daarna voorkomen dat een groot deel van de groep alsnog de gewone asielprocedure ingaat. Daarvoor werkt het kabinet aan een tijdelijk transitiedocument dat drie jaar geldig moet zijn. Oekraïners kunnen in die periode onder voorwaarden overstappen naar een reguliere verblijfsvergunning, bijvoorbeeld voor arbeid.
Volgens de ambtenaren is die tussenoplossing noodzakelijk. Veel bestaande reguliere verblijfsvergunningen zijn maar voor een deel van de Oekraïners bereikbaar. Zonder alternatief kan een grote groep na afloop van de tijdelijke bescherming alsnog zijn bestaande asielaanvraag doorzetten. Dat zou de migratieketen zwaar belasten.
De IND heeft daar volgens de nota nauwelijks ruimte voor. Bij ingewikkeldere individuele beoordelingen zal de uitvoering bij grote aantallen „al snel onuitvoerbaar blijken”, schrijven de ambtenaren, „aangezien de IND al structureel boven capaciteit werkt.”
Ook de planning staat onder zware druk. Het ministerie adviseert Van den Brink „met klem per direct” met de uitvoering van het transitiedocument te beginnen. Meer vertraging betekent volgens de nota dat het „zeker” niet lukt om het document op tijd aan iedereen te verstrekken.
Geld moet later worden gevonden
Hoeveel de hele overgang gaat kosten en waar dat geld vandaan komt, staat nog niet vast. Justitie en Veiligheid brengt samen met andere ministeries en Financiën de financiële gevolgen in kaart. De uiteindelijke dekking wordt doorgeschoven naar „het volgende reguliere budgettaire besluitvormingsmoment”.
Daarmee moeten belangrijke financiële keuzes nog worden gemaakt terwijl de voorbereiding volgens de eigen ambtenaren juist onmiddellijk moet beginnen.
De bedragen die nu al door de asielketen gaan zijn aanzienlijk. In 2025 was op de begroting ruim 4,06 miljard eurobeschikbaar voor het COA en ruim 866 miljoen euro als bijdrage aan de IND. De totale uitgaven van het ministerie van Asiel en Migratie kwamen dat jaar uit op 7,6 miljard euro.
79 van 103 vragen blijven liggen
Op dezelfde vrijdag werd ook duidelijk dat de Kamer voorlopig maar een deel van haar vragen over de suppletoire asielbegroting beantwoord krijgt. In totaal stelde de vaste Kamercommissie 103 schriftelijke vragen. Het ministerie beantwoordt er nu 24. De overige 79 vragen worden doorgeschoven naar de behandeling van de begroting voor 2027. Volgens de beslisnota hebben veel vragen betrekking op die begroting of op de jaarverslagen van 2024 en 2025 en kost beantwoording „meer tijd dan thans beschikbaar is”.
Ook bij de wetgevingsagenda houdt het ministerie een slag om de arm. In een derde beslisnota van 25 september staat dat veel wetstrajecten nog met onzekerheden zijn omgeven. De gepresenteerde planning is daarom slechts een inschatting: „de haalbaarheid staat niet vast.”
Begroting rekent met 50.000 asielaanvragen
De ontwerpbegroting voor 2027 rekent ondertussen met een totale asielinstroom van 50.000 mensen. Daarbij is een belangrijke precisering nodig: het gaat niet, zoals soms wordt gesteld, om 50.000 eerste asielaanvragen. In het mediaanscenario bestaat die 50.000 uit eerste en herhaalde aanvragen, nareizigers en hervestiging. Voor eerste aanvragen afzonderlijk ligt de officiële prognose voor 2027 tussen 16.000 en 40.000.
Dat alles gebeurt terwijl de IND nog een forse voorraad oude dossiers moet wegwerken. Rond de invoering van het Europese Migratiepact op 12 juni stonden ongeveer 54.000 asielaanvragen open waarop nog een eerste besluit moest worden genomen. De IND heeft voor die oude voorraad maximaal drie jaar gekregen.
De stukken van 25 september laten daarmee twee problemen tegelijk zien. Het ministerie waarschuwt intern dat de overgang van 150.000 Oekraïners zonder speciale regeling de asielketen kan overbelasten, terwijl de IND nu al boven zijn capaciteit werkt. Tegelijk zijn de financiële dekking, delen van de wetgeving en 79 begrotingsvragen nog naar een later moment doorgeschoven.























































