Brussel wil miljarden in AI steken, maar doel blijft onduidelijk: ‘Geen duidelijk nut’

De Europese Unie ligt onder vuur vanwege een plan van 20 miljard euro voor enorme AI-computingcentra. Het project moet naar eigen zeggen Europa helpen concurreren met de Verenigde Staten en China, maar krijgt stevige kritiek van politici en experts. Zij stellen dat er mogelijk helemaal geen vraag is naar deze grootschalige infrastructuur. Volgens hen dreigt Brussel miljarden te steken in een plan zonder duidelijk doel, terwijl Europa al achterloopt door een sterke focus op regulering, meldt Politico.
Het plan werd ruim een jaar geleden aangekondigd door Commissievoorzitter Ursula von der Leyen. De officiële presentatie wordt dit voorjaar verwacht. De bedoeling is om grote faciliteiten te bouwen voor het trainen van krachtige AI-modellen. Daarmee wil de EU haar positie versterken op het gebied van technologie.
Critici wijzen erop dat andere landen veel grotere bedragen investeren. Amerikaanse projecten lopen ver vooruit. Tegelijk is onduidelijk welke Europese bedrijven gebruik gaan maken van deze nieuwe capaciteit. Dat voedt de twijfel over de effectiviteit van het plan.
Twijfels over nut en vraag
Veel experts vragen zich af wie de nieuwe faciliteiten straks gaat gebruiken. De Duitse Europarlementariër Sergey Lagodinsky uitte scherpe kritiek. ‘Niemand kon mij uitleggen wat het businessmodel is dat ze met deze gigafabrieken plannen.’
Volgens hem ontbreekt een duidelijke visie. ‘Ik sprak met sommigen die zeggen: ‘we hebben gewoon meer rekenkracht in Europa nodig.’ Maar als ik hen vraag: ‘Waarvoor?’ zeggen ze: ‘Dat maakt niet uit, we hebben gewoon meer rekenkracht nodig.’’
Ook andere deskundigen zien weinig concrete vraag. Onderzoeker Nicoleta Kyosovska stelt dat het onduidelijk is wie de doelgroep is. Zij wijst erop dat Europa weinig bedrijven heeft die zulke grote systemen nodig hebben. Volgens haar is het niet duidelijk wie de capaciteit gaat benutten.
EU verdedigt eigen koers
De Europese Commissie verdedigt het plan. Woordvoerder Thomas Regnier benadrukt dat het niet alleen om capaciteit gaat. ‘Dit gaat niet alleen over pure rekenkracht, het gaat om soevereine rekenkracht.’ Volgens hem moet Europa minder afhankelijk worden van andere continenten.
Het plan omvat de bouw van vier tot vijf grote faciliteiten. Elke locatie moet beschikken over ongeveer 100.000 krachtige chips voor AI-training. Deze zogenoemde gigafabrieken moeten veel groter worden dan bestaande projecten binnen de EU. Ze worden deels gefinancierd met publiek en privaat geld.
Er zijn al tientallen voorstellen ingediend voor mogelijke locaties. Volgens de Commissie laat dat zien dat er vraag is. ‘Dit toont een opkomende substantiële marktvraag aan.’
Zorgen over afhankelijkheid en schaal
Toch blijven de zorgen bestaan. Sommige politici wijzen op de afhankelijkheid van Amerikaanse technologie. De meeste chips komen van het Amerikaanse bedrijf Nvidia. Daardoor zou Europa juist afhankelijker kunnen worden.
Ook wordt getwijfeld of het budget voldoende is. In vergelijking met investeringen in de VS lijkt 20 miljard euro beperkt. Techbedrijf Cisco stelt dat de schaal niet kan concurreren. Cisco-strategist Jeff Campbell is daarom ook kritisch: ‘Als je andere delen van de wereld vergelijkt en de bedragen die daar worden geïnvesteerd, zitten ze op een totaal ander niveau.’





















































