Directeur ABN Amro prijst Spaanse linkse regering ondanks controverse

De duurzaamheidsdirecteur van ABN Amro, Sandra Phlippen, heeft zich in een interview bij de NPO uitgesproken over de kracht van het Spaanse energiebeleid. Volgens haar zorgt een lagere afhankelijkheid van gas ervoor dat landen minder kwetsbaar zijn en zich sterker kunnen opstellen. Daarbij spreekt zij zich positief uit over de Spaanse premier Pedro Sánchez. Die lof komt op een moment dat Spanje te maken heeft met omstreden migratieplannen, internationale spanningen en meerdere corruptiezaken rond de regering. Tegelijkertijd importeerde Spanje recent juist een recordhoeveelheid Russisch gas, wat vragen oproept over die vermeende lagere afhankelijkheid.
Phlippen wijst op duidelijke verschillen binnen Europa als het gaat om energiegebruik. Volgens haar verklaart dat waarom sommige landen sterker staan. ‘Ik vond het interessant, want Italië is in Europa het meest gasafhankelijk in zijn elektriciteitsmix. Meer dan 80 procent. Terwijl bijvoorbeeld Spanje heeft slechts 15 procent van zijn mixes nog uit gas.’ Daarmee benadrukt zij het verschil tussen landen die sterk afhankelijk zijn van gas en landen die dat minder zijn.
Opvallend is ook dat Phlippen in haar verhaal alleen de voordelen van het energiebeleid benadrukt. Zij spreekt over lagere kwetsbaarheid en meer politieke ruimte, maar gaat niet in op mogelijke nadelen van deze koers. Zo blijven vragen over kosten, haalbaarheid en bredere gevolgen van duurzaamheidsbeleid buiten beeld.
Energie en politieke ruimte
Volgens Phlippen hebben deze verschillen ook economische gevolgen. ‘En daardoor zie je nu dus dat de kwetsbaarheid van die landen enorm verschillen. Dus de groothandelsprijzen zijn hier een drie tot viervoud van dat in Spanje.’ Dat betekent volgens haar dat landen met minder gasgebruik minder druk ervaren op hun economie.
Ze legt ook een link met politieke keuzes. ‘Waardoor je ook ziet dat Pedro Sánchez in Spanje, die durft het aan om te zeggen van tot hier en niet verder tegen Poetin, tegen de VS.’ Volgens haar hangt dat samen met de energietransitie. ‘Dat heeft allemaal te maken met hoe ver ze zijn in die energietransitie. Dus hoe verder je bent, hoe minder kwetsbaar je bent voor dat soort regimes en zo'n oorlog. En hoe meer je je kunt uitspreken in de waarde waar je voor staat.’
Tegelijk laten recente cijfers een ander beeld zien van het Spaanse energiebeleid. Volgens gegevens van netbeheerder Enagás, aangehaald door El País, importeerde Spanje in maart 2026 een recordhoeveelheid Russisch gas. Het ging om 9.807 gigawattuur, meer dan tijdens de energiecrisis van 2023 en ruim het dubbele van de maand ervoor. Dit gebeurt ondanks Europese sancties tegen Rusland, al staan die formeel nog gasimport toe tot 2027. De cijfers roepen vragen op over de mate waarin Spanje daadwerkelijk minder afhankelijk is van Russische energie dan wordt gesuggereerd.
Controverse rond Spanje
De positieve woorden van Phlippen staan tegenover stevige kritiek op het beleid van Sánchez. De Spaanse regering wil een grootschalige legalisering van migranten doorvoeren. Het plan zou ongeveer 500.000 illegale immigranten een verblijfsvergunning geven. Volgens El País wil de overheid migranten actief helpen bij het verkrijgen van documenten.
Daarnaast staat de regering onder druk door een corruptiezaak rond de vrouw van de premier, Begoña Gómez. Zij is aangeklaagd voor omkoping, verduistering van publieke middelen en misbruik van positie. Volgens rechter Juan Carlos Peinado zou zij haar rol hebben gebruikt om invloed uit te oefenen op publieke instellingen. De regering wijst de beschuldigingen van de hand en noemt het een ‘heksenjacht’.
Ook andere zaken vergroten de druk. Voormalig minister José Luis Ábalos staat terecht voor corruptie. Tegelijk dreigde Donald Trump twee maanden geleden om handelsrelaties met Spanje te beëindigen na een conflict over militaire bases. Deze combinatie van factoren zorgt voor toenemende spanning rond de Spaanse regering.





















































