Martin Bosma: rechtse kiezers betalen mee, maar worden bestuurlijk buitengesloten

PVV’er Martin Bosma heeft in de Tweede Kamer gesteld dat rechtse kiezers systematisch worden buitengesloten van bestuurlijke macht. Volgens hem komt dat doordat rechtse partijen en politici nauwelijks toegang krijgen tot functies als burgemeester, commissaris van de Koning of lokale bestuurder. Daardoor betalen rechtse kiezers volgens Bosma wel mee aan het bestuur, maar zien zij hun politieke voorkeur niet terug in de bestuurlijke top. Bosma koppelde die scheve vertegenwoordiging aan de groeiende kloof tussen burger en overheid. Via sociale media noemde hij dit later 'de structurele uitsluiting van een-derde van de Nederlandse kiezers.'
Bosma begon zijn bijdrage met kritiek op het begrip ‘van onderop’. Volgens hem hoort dat te gaan over burgers, niet over gemeentebesturen. ‘Onderop gaat altijd over mensen. Het gaat altijd over burgers’, zei hij. Volgens Bosma is er in Nederland iets veranderd. ‘Van onderop betekent nu gemeentebesturen.’
Burger volgens Bosma niet gehoord
Bosma verwees daarbij naar de situatie rond Wijdemeren en Hilversum. Wijdemeren zal vanf 2027 gefuseerd worden met Hilversum. Volgens Bosma zijn burgers daar niet echt gevraagd naar hun mening. 'De burger die is, en dan schakel ik over naar Wijdemeren en Hilversum, niets gevraagd. Helemaal niets’, zei hij. Er waren volgens hem wel pogingen via internet, maar die noemde hij ‘niet representatief’.
Volgens Bosma zijn er genoeg papieren en bestuurlijke documenten. Maar dat is volgens hem niet hetzelfde als echte inspraak. ‘Er zijn wel logboeken, er zijn beleidskaders, er zijn beheersconstructies. Het zal allemaal wel kloppen, maar de burger is niets gevraagd’, zei hij. Ook was hij kritisch op de provincie. Die had volgens hem een ‘rare en onduidelijke rol’ gespeeld in deze kwestie.
Dit bericht op Instagram bekijken
Rechts ontbreekt in bestuurlijke top
Daarna richtte Bosma zich op de positie van rechts in het bestuur. Hij stelde dat het zeer kwalijk is dat rechtse partijen geen burgemeester hebben geleverd. ‘Dus JA21, BBB, Forum en mijn clubje hebben dus geen burgemeesters’, zei hij. Alleen bij de SGP zag hij een uitzondering. ‘Een enkele SGP’er, de hemel zij geprezen, maar voor de rest niets.’
Volgens Bosma geldt hetzelfde voor de commissarissen van de Koning. ‘Het is totaal scheef’, zei hij. Daardoor is rechts volgens hem nauwelijks vertegenwoordigd in de bestuurlijke bovenlaag. ‘Daar gaat het mis’, stelde hij. Ook in lokale colleges worden rechtse partijen volgens hem vaak buitengesloten. Over de PVV zei hij: ‘Maar we mogen nergens meeregeren, behalve Rucphen, voorzitter. Daar is de zon opgegaan.’
Waarschuwing voor groeiende kloof
Bosma stelde dat dit ook gevolgen heeft voor herindelingen. Als er meer rechtse burgemeesters en commissarissen waren geweest, had het debat volgens hem mogelijk anders gelopen. Hij zei dat zij dan ‘op de rem’ hadden kunnen drukken. Volgens Bosma mogen rechtse kiezers wel meebetalen, maar krijgen zij geen gelijke bestuurlijke invloed terug. Hij vatte dat samen als: ‘Wel taxation, maar geen representation.’ Daarmee verwijst hij naar de kritiek van de Amerikaanse kolonisten op de Britse overheid: zij moesten wel belasting betalen, maar hadden nauwelijks politieke inspraak. Dit leidde uiteindelijk tot de Amerikaanse Onafhankelijkheidsoorlog.
De PVV’er waarschuwde dat dit niet goed kan blijven gaan. ‘Dat moet een keer goed misgaan, voorzitter’, zei hij. Hij wees daarbij ook op de spreidingswet en de asieldemonstraties in Loosdrecht. ‘Wil de overheid, willen de gemeenten nog wel de vriend zijn van de burger?’ Volgens hem krijgt hij steeds sterker het gevoel dat dit minder het geval is. Dit kan volgens Bosma grote gevolgen hebben. ‘En op een dag gaat het nog eens heel erg mislopen.’





















































