COA wil statushouder verplaatsen, maar rechter grijpt in: man mag voorlopig blijven

Een statushouder die tijdelijk verblijft in Rotterdam hoeft voorlopig niet te verhuizen naar Wolvega. De man stapte naar de rechter nadat hij van het Centraal Orgaan opvang Asielzoekers (COA) via een bericht te horen kreeg dat hij binnen één dag zijn kamer moest verlaten. De rechtbank vindt dat het COA niet zorgvuldig genoeg heeft gehandeld, meldt het AD.
De man woont sinds eind vorig jaar in een opvanglocatie van het COA in Rotterdam. Daar wacht hij op een permanente woning. Al sinds 2024 is bekend dat hij uiteindelijk gekoppeld is aan de gemeente Stadskanaal, maar door de wachtlijsten heeft hij daar nog geen huis gekregen.
Op 18 mei kreeg de statushouder om 16.28 uur een bericht van het COA. Daarin stond dat hij de volgende ochtend om 10.00 uur zijn kamer leeg moest opleveren. Vervolgens moest hij zich melden bij een opvanglocatie in Wolvega.
De man ging niet akkoord met de plotselinge overplaatsing. Hij maakte direct bezwaar tegen het besluit en stapte daarnaast naar de rechter. Volgens de statushouder was de handelswijze van het COA onzorgvuldig. Hij stelde dat hij inmiddels in de omgeving van Rotterdam werkt en daar een sociaal netwerk heeft opgebouwd. Ook vond hij dat hij geen duidelijke schriftelijke uitleg had gekregen waarom hij zo snel moest vertrekken.
Het COA verdedigde de verhuizing bij de rechtbank. Volgens de organisatie wist de man dat Rotterdam geen definitieve woonplaats voor hem zou zijn. Hij was immers gekoppeld aan Stadskanaal. Daarnaast stelde het COA dat de plekken in Rotterdam nodig zijn voor statushouders die daadwerkelijk aan die gemeente gekoppeld zijn.
De rechter ging niet mee in de uitleg van het COA. Volgens de rechtbank is de manier waarop de verhuizing werd aangekondigd niet zorgvuldig verlopen.



















































