In haar bijdrage stelde Koopmanschap dat niet de migranten zelf profiteren van het huidige systeem. Zij wees erop dat migranten vaak grote risico’s nemen en soms veel geld betalen aan criminele smokkelaars.
Ook de Nederlandse belastingbetaler is volgens haar geen winnaar. Die draait op voor de kosten van opvang, begeleiding, procedures en bestuur.
Volgens Koopmanschap profiteren vooral bestuurders en organisaties die afhankelijk zijn van publieke middelen. Zij sprak over een kleine groep goed betaalde functionarissen, onder wie oud-politici, die een loopbaan hebben opgebouwd binnen de opvangsector.
Koopmanschap noemde in haar betoog verschillende namen. Zo wees zij op Anita Bastiaans, bestuurder bij het Centraal Orgaan opvang asielzoekers en voormalig wethouder. Ook noemde zij Frank Candel, bestuursvoorzitter van Vluchtelingenwerk Nederland, met een D66-achtergrond. Verder haalde zij aan dat de moeder van VVD-politica Dilan Yesilgöz directeur was van Vluchtelingen Organisaties Nederland. Ook noemde zij Dagmar Oudshoorn, directeur van Amnesty International Nederland, die eerder wethouder was.
Volgens Koopmanschap verdienen zulke bestuurders bedragen tussen de 100.000 en 244.000 euro per jaar. Zulke beloningen zijn bij gesubsidieerde organisaties openbaar via de Wet normering topinkomens. Haar kernpunt is niet alleen dat deze salarissen hoog zijn. De principiële vraag is volgens haar of er een prikkel ontstaat om het systeem in stand te houden wanneer bestuurders en organisaties er financieel van afhankelijk zijn.