Onvrede bij gemeenten over verplichte asielopvang: minister voert druk verder op

Steeds meer gemeenten verzetten zich tegen de druk van asielminister Bart van den Brink (CDA) om extra asielzoekers op te vangen. Inmiddels staan 42 gemeenten onder verscherpt toezicht omdat zij volgens het ministerie niet voldoende voldoen aan hun wettelijke opvangtaak. Verschillende gemeenten vinden dat Den Haag onvoldoende rekening houdt met wat zij al doen.
Lees ook

Asielterreur in Ter Apel: ruim 20.000 meldingen sinds 2022, gemiddeld 14 per dag
Dat blijkt uit een rondgang van de NOS onder de 42 betrokken gemeenten. Van de aangeschreven gemeenten reageerden er 31. Bestuurders wijzen onder meer op de opvang van Oekraïners en statushouders, gebrek aan geschikte locaties en zorgen over het lokale draagvlak.
Zo vangt Vught volgens de NOS 608 Oekraïners op, terwijl de gemeente er volgens de taakstelling 232 zou moeten huisvesten. Die opvang telt echter niet mee voor de Spreidingswet. Burgemeester Chantal Nijkerken-de Haan (VVD) vindt daarom dat het ministerie te beperkt kijkt naar de inspanningen van haar gemeente.
Ook andere gemeenten stellen dat er geen sprake is van een simpele weigering. Eersel wijst erop dat een voorgestelde opvanglocatie door de provincie werd afgewezen en een ander plan politiek strandde. Valkenswaard benadrukt volgens de NOS dat bij de besluitvorming ook veiligheid, leefbaarheid en omwonenden moeten worden meegewogen.
Dwang blijft mogelijk
Van den Brink houdt vooralsnog vast aan zijn aanpak. Volgens de minister betekent plaatsing onder toezicht niet dat een gemeente wordt beschuldigd van onwil, maar is het een feitelijke constatering dat niet aan de wettelijke opvangtaak wordt voldaan.
De Spreidingswet verplicht gemeenten sinds 2024 om mee te werken aan de opvang van asielzoekers. Begin augustus stonden nog 24 gemeenten onder verscherpt toezicht. Dat aantal is inmiddels opgelopen tot 42.
Gemeenten die achterblijven moeten met een plan komen om alsnog voldoende opvangplekken te realiseren. Van den Brink heeft aangekondigd dit najaar verdere stappen te zetten als dat niet gebeurt. Uiteindelijk kan het Rijk ingrijpen en zelf bepalen waar opvang wordt gerealiseerd.
Voor de nieuwe cyclus van de Spreidingswet zijn landelijk 88.000 opvangplekken nodig. Uiterlijk eind december bepaalt Van den Brink hoeveel plekken iedere gemeente daadwerkelijk moet leveren. De nieuwe opvangplekken moeten vanaf 1 juli 2027 beschikbaar zijn.






















































