Linkse koerswijziging: hijab voortaan beschermd op Spaanse scholen

Het debat over religie in het Spaanse onderwijs heeft een nieuwe wending gekregen. Een rapport van het Instituut voor Vrouwen, dat valt onder het Ministerie van Gelijkheid, spreekt zich expliciet uit vóór het dragen van de islamitische hijab in klaslokalen. Het document gaat verder dan dat. Het noemt ook expliciet scholen die het dragen van de hoofddoek hebben beperkt of verboden.
Het rapport draagt de titel ‘Handen af!’ en stelt dat zulke maatregelen geen neutrale schoolregels zijn. Ze worden omschreven als ‘institutionele discriminatie’. Volgens de opstellers is verzet tegen de hijab het gevolg van ‘islamofobie’. Dat wordt in het rapport omschreven als een vorm van cultureel racisme binnen het onderwijssysteem.
Scholen voeren vaak regels aan over uniformen, kledingvoorschriften of neutraliteit. Die argumenten worden in het rapport verworpen. Volgens het Instituut voor Vrouwen worden deze regels selectief toegepast en treffen zij vooral moslimmeisjes. Neutraliteit zou volgens de auteurs misbruikt worden om religieuze uitingen te beperken.
Scholen publiekelijk aangewezen
Opvallend is dat het rapport concrete gevallen benoemt. Het gaat onder meer om leerlingen die geen hijab mochten dragen tijdens examens, toelatingstoetsen voor universiteiten, stages in ziekenhuizen of zorginstellingen en zelfs sportwedstrijden op school. In alle voorbeelden ligt de schuld volgens het rapport bij schoolbesturen.
Zij zouden begrippen als secularisme en ideologische neutraliteit verkeerd toepassen. De gevolgen zijn volgens het rapport ernstig. Er is sprake van onderbroken schoolloopbanen, gedwongen schoolwissels en zelfs voortijdig schoolverlaten. Deze effecten worden niet gezien als losse incidenten, maar als bewijs van een structureel probleem.
Het rapport benadrukt dat moslimvrouwen de hijab ‘uit vrije wil’ dragen. Het verzet tegen de hoofddoek zou voortkomen uit een westers beeld waarin moslimvrouwen worden neergezet als ‘onderdanig en zonder handelingsvrijheid’. De islam wordt daarbij volgens het rapport onterecht afgeschilderd als ‘monolithisch, irrationeel en vrouwonvriendelijk’.
Breuk met eerder feministisch beleid
De toon van het rapport betekent een duidelijke koerswijziging. Tot voor kort werden schooluniformen door feministische instellingen nog bekritiseerd. Ze zouden controle uitoefenen over het vrouwenlichaam en zelfs bijdragen aan seksualisering. Uniformiteit werd gezien als strijdig met autonomie.
Nu wordt een religieus kledingstuk met een sterke culturele en ideologische lading juist gepresenteerd als symbool van vrijheid. Voor critici is die draai moeilijk te rijmen. Kledingregels gelden als onderdrukkend, behalve wanneer ze religieus zijn.
Het rapport raakt ook aan een oud politiek spanningspunt in Spanje. Onder linkse regeringen werden christelijke symbolen, zoals kruisen, juist uit scholen verwijderd. Religie zou geen plek hebben in het openbaar onderwijs. Nu pleit dezelfde overheid voor bescherming van religieuze symbolen.
Het Instituut voor Vrouwen roept onderwijsautoriteiten op om schoolregels aan te passen. Vrijheid van religie moet expliciet worden opgenomen. Scholen die beperkingen handhaven, moeten worden gemonitord. Daarmee neemt de invloed van de staat toe en verdwijnt autonomie van scholen.















































