Opgepakte Syriër in Vlissingen wilde 'ongelovigen en christenen doden' bij kerkaanslag

Een 30-jarige Syriër die vlak voor kerst werd aangehouden in Vlissingen, wordt verdacht van het voorbereiden van een terroristische aanslag op een kerk in het Duitse Bremen. Volgens het Openbaar Ministerie waren de plannen vergevorderd en zeer concreet. De man zou daarbij instructies hebben ontvangen van een contactpersoon binnen terreurorganisatie IS. Ook wordt onderzocht of hij betrokken was bij een eerdere aanslag in Bielefeld, meldt AD in een uitgebreid rechtbankverslag.
De verdachte, Ibrahim Al G., werd eind december opgepakt na een waarschuwing van de AIVD. De dreiging werd als acuut gezien, mede omdat de feestdagen voor de deur stonden. Volgens justitie had de man zich het jihadistisch-salafistische gedachtegoed eigen gemaakt en sprak hij concreet over het “doden van ongelovigen” en het “doden van christenen”. De politie greep daarom direct in.
Uit onderzoek blijkt dat Al G. via TikTok in een chatgroep gedetailleerd sprak over een aanslag in Bremen. In de gesprekken ging het onder meer over wapens van kaliber 12 en over een voorverkenning van de locatie. Ook werd besproken dat kerken in het weekend het drukst bezocht worden. In de chat zaten drie personen. Er werd nog gezocht naar een vierde betrokkene die de aanslag moest filmen. Volgens het Openbaar Ministerie zou met de aanslag “de eed van trouw aan de emir worden gezworen”. De officier van justitie stelde tijdens de zitting: „Veel concreter worden plannen om een terroristische aanslag voor te bereiden niet”.
Op twee telefoons en een iPad van de verdachte werd volgens justitie veel belastend materiaal aangetroffen. De man zou meerdere accounts beheren waarop IS-propaganda werd verspreid. Daarnaast had hij contact met een andere Syriër die wordt verdacht van een steekpartij in Bielefeld in mei vorig jaar. Daarbij werden vijf voetbalsupporters aangevallen in een bar, van wie vier zwaargewond raakten.
Volgens het dossier zocht de dader van de aanslag in Bielefeld tijdens zijn vlucht contact met Al G., mogelijk om onder te duiken. De verdachte zou hem hebben gevraagd waar hij zich in Nederland bevond. Op dat moment was de dader al aangehouden. De precieze rol van Al G. bij deze zaak wordt nog onderzocht.
Een belangrijk element in het onderzoek is het contact met een persoon die bekendstaat als Abu Muadh, die volgens justitie een hoge positie binnen IS zou hebben. Deze man zou opdrachten hebben gegeven voor een aanslag in Europa. Daarbij zou hij hebben opgeroepen om “ongelovigen pijn te doen, ze te vermoorden, hun vrouwen te verkrachten en te bestelen”, en om kerken te verbranden en christenen te doden.
De verdachte wordt aangeklaagd voor deelname aan een terroristische organisatie en het voorbereiden van een aanslag. Hij was zelf niet aanwezig bij de zitting. Volgens zijn advocaat ontkent hij alle beschuldigingen. Hij zou juist tegen IS zijn en stelt dat het account waarop de plannen werden besproken, niet door hem werd beheerd.
De rechtbank ging niet mee in het verzoek om de voorlopige hechtenis te schorsen. De man blijft vastzitten tot de volgende zitting, die begin juni plaatsvindt.

















































