Waterkwaliteit verbetert niet door bufferstroken: stikstof en fosfor nemen juist toe

De verplichte bufferstroken langs watergangen leveren vooralsnog geen meetbare verbetering op van de waterkwaliteit. Dat blijkt uit onderzoek van Stichting Agri Facts op basis van metingen van acht Nederlandse waterschappen. Sinds de invoering in 2023 zijn de concentraties stikstof en fosfor niet gedaald, maar juist gestegen. Daarmee blijven de resultaten achter bij de verwachtingen van beleidsmakers en onderzoekers.
Bufferstroken zijn sinds 1 maart 2023 verplicht in Nederland. Op deze stroken langs sloten en watergangen mag niet worden geteeld of bemest. De maatregel maakt deel uit van het zevende Actieprogramma Nitraatrichtlijn en het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid.
Het doel is helder: minder meststoffen in het oppervlaktewater. Door de stroken zou afspoeling van stikstof en fosfor vanaf landbouwgrond moeten afnemen. Tegelijk werd ook de zogenoemde derogatie afgebouwd, waardoor boeren minder dierlijke mest mogen uitrijden.
Eerdere berekeningen van Wageningen Environmental Research gingen uit van een daling van de stikstofbelasting met 5 tot 10 procent en een afname van fosfor met ongeveer 5 procent.
Metingen laten ander beeld zien
De praktijk laat tot nu toe iets anders zien, schrijft Stichting Agri Facts. Waterschappen meten al jaren de waterkwaliteit. Voor dit onderzoek zijn gegevens gebruikt van acht waterschappen met veel landbouwgrond, waaronder Aa en Maas, Friesland en Vechtstromen.
De cijfers over 2021 en 2022 zijn vergeleken met die van 2023 en 2024. Daaruit blijkt dat de concentraties fosfor niet zijn gedaald. In plaats daarvan is sprake van een lichte stijging.
Hetzelfde geldt voor stikstof. Ook daar is geen daling zichtbaar sinds de invoering van de maatregelen. De gemiddelde waarden liggen in 2023 en 2024 hoger dan in de jaren daarvoor.
RIVM: effect nog niet zichtbaar
Het RIVM bevestigt tegenover Stichting Agri Facts dat de concentraties zijn gestegen, maar plaatst daar kanttekeningen bij. Volgens het instituut kan nog geen harde conclusie worden getrokken over het effect van de maatregelen. “De stikstofconcentraties in het slootwater zijn in 2023 en begin 2024 inderdaad gestegen. Het is echter niet mogelijk om hieruit te concluderen dat de bufferstroken of derogatie-afbouw geen effect of zelfs een averechts effect hebben.”
Volgens het RIVM spelen weersomstandigheden een grote rol. Natte periodes kunnen zorgen voor hogere concentraties. Daarnaast werkt het bodem- en watersysteem traag. Het kan volgens het instituut één tot vijf jaar duren voordat effecten zichtbaar worden. “Op de korte termijn is de invloed van het weer hoogstwaarschijnlijk groter dan het effect van een nieuwe maatregel zoals bufferstroken.”
Twijfel over probleem dat wordt aangepakt
De vraag blijft of bufferstroken wel het juiste probleem aanpakken. Volgens deskundigen zijn deze stroken vooral bedoeld om oppervlakkige afspoeling te verminderen. Dat is het wegstromen van meststoffen via regenwater naar sloten.
Maar die vorm van vervuiling lijkt beperkt. In oudere studies wordt afspoeling geschat op slechts ongeveer 2 procent van de totale uitstoot van meststoffen naar water. Het grootste deel komt via uitspoeling door de bodem en drainage.
Daar hebben bufferstroken nauwelijks invloed op. Tegelijk zijn er in de landbouw al technieken ontwikkeld om mest nauwkeuriger toe te dienen. Ook bestonden er eerder al teeltvrije zones langs watergangen.



















































