Natuur in Nederland, heilig verklaard of meedogenloos gesloopt?

Het nieuwe kabinet lijkt vol in te gaan zetten op natuurbescherming, maar liefst 25 miljard euro voor het stikstofbeleid en pakweg 200 miljard euro voor klimaat en de energietransitie. Dat klinkt nobel. Maar als u iets verder kijkt dan deze cijfers ziet u geen consistente visie op natuur, slechts een ideologische schifting: sommige natuur telt, andere natuur is bijzaak. En nergens wordt die tegenstrijdigheid zo pijnlijk zichtbaar als in de combinatie van stikstofbeleid op land en grootschalige windenergie op de Noordzee.
Aan de ene kant wordt natuur juridisch volledig dichtgetimmerd. Stikstofdepositie geldt als existentiële bedreiging, ecosystemen zijn 'overbelast' en economische activiteit moet wijken om flora en fauna te beschermen, dat beleid is haast absoluut en er valt niet aan te morrelen. De landbouw wordt effectief tot systeemrisico verklaard, vergunningen ingetrokken, bedrijven opgekocht. Dat alles in naam van kwetsbare natuur en de EU-doelstellingen om haar, koste wat kost, te behouden.




















































